Sluiten

Zoeken.

Artikelen

Activiteiten

Kennisbank

Podcasts

Projecten

Publicaties

Videos

Overig

Joodse wereld

Terug naar overzicht

Waarom blijven wij Joden?

Door Rabbijn mr. drs. R. Evers - 

29 mei 2026

F260409YS06 (1)

Joden bidden bij de Klaagmuur. | Foto: Flash90

Na Sjawoe’ot blijf ik vaak met een ongemakkelijk gevoel achter. We vieren het moment waarop de Thora aan Israël werd gegeven, maar tegelijk zien we hoe velen zich van diezelfde Thora verwijderen. Hoe kan dat? Waarom laten zoveel Joden hun religieuze praktijk los, terwijl zij toch een diepe verbondenheid met hun volk blijven voelen?

Misschien begint het antwoord bij een van de meest raadselachtige momenten uit de Joodse geschiedenis.

Geen volmaakte gelovigen

De traditie schildert de uittocht uit Egypte niet af als een triomftocht van heiligen. Het volk dat tussen de watermuren van de Schelfzee door trok, was geen gemeenschap van volmaakte gelovigen. Generaties slavernij hadden hun sporen nagelaten. Velen leefden in een wereld die doordrenkt was van Egyptische afgoderij. Toch gebeurde juist aan déze generatie iets ongehoords: nauwelijks vijftig dagen na de bevrijding stonden zij aan de voet van Sinaï en ontvingen zij de Thora.

Dat blijft verbijsterend. Eeuwen eerder waren er ogenschijnlijk geschiktere kandidaten geweest. Abraham ontdekte de Ene in een wereld vol afgoderij, gedreven door intellectuele moed en spirituele helderheid. Isaak en Jakob bouwden ieder een directe relatie met de Schepper op. Als morele en religieuze grootheden waren zij onovertroffen.

En toch kregen zij de Thora niet. Waarom wachtte G’d eeuwenlang, tot een generatie die gebroken was door slavernij en geestelijk verdeeld leefde? Juist daar ligt misschien een sleutel tot een crisis die vandaag opnieuw zichtbaar wordt, vooral in de diaspora.

Vaak wordt het Jodendom voorgesteld als één van de grote wereldreligies, naast christendom en islam: een geloof dat men privé beleeft, voornamelijk in synagoge en gebed. Maar die definitie roept onmiddellijk vragen op. Wat betekent het dan dat veel Joden zich nauwelijks religieus definiëren, de Sjabbat niet houden en moeite hebben met de G’ddelijke oorsprong van de Thora, maar zichzelf toch onmiskenbaar als Joods zien?

De Thora werd niet gegeven aan engelen, maar aan mensen, en aan een volk dat juist in zijn onvolmaaktheid geroepen werd om drager van een eeuwige opdracht te zijn.

Assimilatie

Volgens de Duits-Amerikaanse filosoof Leo Strauss komt hier een fundamenteel misverstand aan het licht. Strauss, gevormd door de crisis van de twintigste eeuw en de schaduw van de Sjoa, waarschuwde al decennia geleden dat het Jodendom nooit uitsluitend een religie is geweest. Het is een beschaving, een collectief geheugen, een morele taal en een historische lotsverbondenheid. Wie het reduceert tot louter geloof, begrijpt niet waarom Joodse identiteit blijft voortbestaan, zelfs wanneer religieuze praktijk verzwakt.

De geschiedenis ondersteunt zijn inzicht op pijnlijke wijze. Veel Europese Joden geloofden dat volledige assimilatie veiligheid zou brengen. Men sprak dezelfde taal, droeg dezelfde kleding en nam de cultuur van de meerderheid over. Toch bleek die aanpassing geen bescherming tegen antisemitisme. De vijand maakte zelden onderscheid tussen vrome en seculiere Joden.

Ook vandaag klinkt die les opnieuw. In Europa en Amerika vervagen zichtbare grenzen sneller dan ooit. Gemengde huwelijken nemen toe, religieuze betrokkenheid daalt en voor velen lijkt Joods-zijn een cultureel detail geworden. Maar tegelijk zien we hoe antisemitische retoriek terugkeert, versterkt door sociale media en politieke radicalisering.

De oorlog die volgde op de aanval van Hamas op Israël maakte dit pijnlijk zichtbaar. Voor veel Joden was het schokkend te ervaren hoe snel politieke discussies omsloegen in algemene vijandigheid tegenover Joden als collectief. Op universiteitscampussen en in publieke debatten bleek de droom van volledige acceptatie soms verrassend broos.

Daar in die desolate woestenij beloofden G’d en Israël elkaar eeuwige trouw. En zo is het gebleven, tot op de dag van vandaag, ondanks alle ups en downs.

Eeuwige trouw

Strauss zou hierin waarschijnlijk geen oproep zien tot isolement, maar tot hernieuwd zelfbewustzijn.

Want misschien verklaart Sinaï precies dit punt. De Thora werd niet gegeven aan een kleine kring spirituele elites, maar aan een volk - met al zijn twijfels, zwakheden en innerlijke verdeeldheid. Niet omdat het al volmaakt was, maar omdat het geroepen werd te groeien.

Dat verklaart ook waarom Joden blijven terugkeren naar hun oorsprong, zelfs wanneer religieuze overtuiging verzwakt. Er bestaat een band die ouder is dan individuele geloofskeuzes: verbondenheid met een geschiedenis, een verantwoordelijkheid en een gedeeld lot.

Waarom blijven wij Joden? Strauss’ antwoord klinkt vandaag opvallend actueel. Niet uit nostalgie of angst, maar omdat het Jodendom een levende getuigenis blijft van morele verantwoordelijkheid tegenover G’d, geschiedenis en elkaar.

Misschien is dát uiteindelijk de diepste les van Sjawoe’ot: de Thora werd niet gegeven aan engelen, maar aan mensen, en aan een volk dat juist in zijn onvolmaaktheid geroepen werd om drager van een eeuwige opdracht te zijn.

In dit licht wordt de alternatieve vertaling van Sjawoe’ot duidelijk. We vertalen het meestal als Wekenfeest omdat we ongeduldig de weken telden op weg naar de meest monumentale gebeurtenis in de geschiedenis van de mensheid: het ontvangen van de Thora in de Sinaïwoestijn. Maar Sjawoe’ot kan ook vertaald worden als ‘beloften’ of ‘eden’. Daar in die desolate woestenij beloofden G’d en Israël elkaar eeuwige trouw. En zo is het gebleven, tot op de dag van vandaag, ondanks alle ups en downs.

Rabbijn-mr.-drs.-R.-Evers_avatar-90x90 (1)

De auteur

Rabbijn mr. drs. R. Evers

Rabbijn R. Evers was opperrabbijn in Düsseldorf. Hij maakte in de zomer van 2021 met zijn vrouw alija naar Israël. 

Doneren
Abonneren
Agenda