Deze maand herdachten we dat het drie jaar geleden is dat de terroristen van Hamas een demonische aanval pleegden op de dorpjes in het zuiden van Israël. Honderden terroristen vielen kibboetsen aan en doodden en vernielden alles wat ze tegenkwamen. In hun kielzog volgden Palestijnse burgers, waaronder vrouwen en kinderen, om te plunderen en te stelen.
In de dorpjes bij de grens van Gaza woonden veelal idealistische, vredelievende Joden, die contacten hadden met de mensen in Gaza. Op allerlei manieren probeerden ze deze mensen te helpen, door hen bijvoorbeeld naar een afspraak in het ziekenhuis te brengen. Ook werkten er mensen uit Gaza in de Israëlische kibboetsen, omdat daar het loon beter was dan in Gaza. Door deze contacten waren de terroristen goed op de hoogte van de situatie in de kibboetsen, en konden ze gemakkelijk infiltreren en hun dodelijke acties uitvoeren.
Vorig jaar bezochten wij diverse verwoeste kibboetsen aan de grens van Gaza. We zagen de foto’s die zijn tentoongesteld op het terrein van het Novafestival. Daar werden honderden jonge mensen vermoord, alleen omdat ze Joods waren. We kwamen bij het ‘autokerkhof’, waar honderden auto’s staan die op die dag beschoten en in brand gestoken waren. Daar stond ook een uitgebrand busje. Daarin zaten oudere mensen die op die dag een uitstapje wilden maken. Alle inzittenden zijn vermoord en verbrand. We hebben het zelf gezien.
Bij een totaal verwoeste kibboets hoorden we het aangrijpende verhaal van de 73-jarige Batia, een Joodse vrouw, die de hel overleefd heeft. Ze wees naar een verwoest huisje. Daar woonde een jong gezin met twee kleine kinderen. Ze werden omsingeld door een grote groep moordenaars. Deze gingen hun huis binnen en staken het in brand. Het gezin was in de schuilkelder met de kinderen, waaronder een baby van drie maanden. De moeder zocht een la in de kast om de baby in te leggen en stuurde een berichtje aan haar ouders, die niet in de kibboets woonden: ‘Ik laat Jonathan achter in de la. Als wij weggehaald worden of dood zijn, dan vind je hem daar.’ Het hele gezin is omgekomen in de vlammenzee. Ook de baby.
“Het volk troosten is een opdracht aan ons. Israël kan zichzelf niet meer troosten. Het bloedt uit vele wonden.”
Batia vertelt verder: "Ik ben fotograaf en ik wilde een foto-expositie maken van het hele gebied waarin ik woon. Het leek me interessant om dat samen te doen met iemand van de andere kant van de grens, met iemand uit Gaza. Dan kon ieder zijn kant laten zien.
Met een Gazaanse vriend heb ik die expositie gemaakt. We hadden goed contact en hij zei altijd tegen mij dat hij in vrede geloofde. En dat wij, kunstenaars, de basis zullen vormen van een vreedzame samenleving. Maar die ochtend, 7 oktober 2023, kwam hij om mij te vermoorden.
Hij belde me die morgen op en vroeg waar ik was. Hij vroeg naar de manoeuvres van het leger in dit gebied. Waar is het leger en waar gaan ze heen? Door die vragen wist ik dat ik de verbinding meteen moest verbreken, zodat hij niet kon traceren waar ik was. Ik besefte dat hij deze vragen niet stelde om mij te redden. Integendeel hij wilde van mij inlichtingen hebben om mij en alle anderen te vermoorden.
Ik ben diep ontgoocheld. Ik ben verraden door een vriend. Ik kan niet geloven dat iemand die ik goed kende, en met wie ik een fototentoonstelling georganiseerd heb, zo verachtelijk kan zijn. Ik vertrouw nu niemand meer. Ik heb mijn vertrouwen in alles en iedereen verloren."
Zo’n getuigenis raakt je diep. En er zijn in Israël velen zoals Batia die zwaar getraumatiseerd zijn door de gebeurtenissen van 7 oktober 2023. Niet alleen in het zuiden van Israël, maar ook in het noorden. Gezinnen die daar woonden, konden maandenlang niet in hun eigen huis wonen, vanwege de aanvallen van Hezbollah. Veel mensen in Israël kampen nog steeds met de gevolgen van die vreselijke aanval.
“We kijken uit naar de komst van de Messias van Israël en de komst van Zijn prachtige rijk van vrede en gerechtigheid.”
"Troost, troost Mijn volk, zegt uw God. Spreekt tot het hart van Jeruzalem, roept het toe, dat zijn lijdenstijd volbracht is, dat zijn ongerechtigheid geboet is, dat het uit de hand des HEREN dubbel ontvangen heeft voor al zijn zonden", staat in Jesaja 40:1-2. Het volk troosten is een opdracht aan ons. Israël kan zichzelf niet meer troosten. Het bloedt uit vele wonden. Al eeuwenlang. Wij mogen trouw zijn en zij aan zij met Israël in deze tijd staan en pleiten op Gods beloften.
"Klim op een berg, vreugdebode Sion; verhef uw stem met kracht, vreugdebode Jeruzalem, verhef ze, vrees niet; zeg tot de steden van Juda: Zie, hier is uw God! Zie, de Here HERE zal komen met kracht en Zijn arm zal heerschappij oefenen; zie, Zijn loon is bij Hem en Zijn vergelding gaat voor Hem uit. Hij zal als een Herder Zijn kudde weiden, in Zijn arm de lammeren vergaderen en ze in Zijn schoot dragen; de zogenden zal Hij zachtkens leiden" (Jesaja 40:9-11).
God zal al Zijn beloften aan Israël vervullen. Eens zal er een eind komen aan het lijden van het volk. Dan zal Israël niet meer de staart van de volken zijn, maar het hoofd (Deuteronomium 28:13). We kijken uit naar de komst van de Messias van Israël en de komst van Zijn prachtige rijk van vrede en gerechtigheid. Dan zal de tijd van pijn en verdriet voorbij zijn en dan zal "God alles in allen zijn" (1 Korintiërs 15:28).