“De opname-bereidheid is in Friesland buitenproportioneel groot gebleken, maar in augustus 1942 was dat nog niet zo. Simpelweg omdat men niet geloofde dat er razzia’s plaatsvonden om de Joden weg te voeren. Drie maanden later geloofde men het wel. We hebben de Friese onderduikverleners ook altijd gewezen op het gevaar dat de Joodse kinderen bedreigde, maar ook dat zij, de onderduikverleners, ten dode waren opgeschreven, zouden zij worden gesnapt. Maar die mensen hebben dat risico toch maar allemaal genomen! Ik schat dat er in Friesland zeven tot achthonderd gezinnen aan hebben meegewerkt.”
Bovenstaande is een citaat uit het boek ‘Verberg de verdrevenen’ van drs. Geert C. Hoving, kerkhistoricus en emerituspredikant in de Protestante Kerk in Nederland. In dit indrukwekkend boek over het verzet van predikanten tijdens de Tweede Wereldoorlog worden meer dan zeshonderd namen genoemd van predikanten die hulp boden aan Joden.
Onder de zeshonderd namen kwam ik ook de naam tegen van mijn schoonvader ds. Willem Glashouwer sr. Hij was zeer begaan met het lot van de Joden en kwam daar ronduit voor uit als hij op de preekstoel stond. Op zondag 17 augustus 1941 preekte hij over Zacharia 8:23: “Zo zegt de HERE der heerscharen: In die dagen zullen tien mannen uit volken van allerlei taal vastgrijpen, ja vastgrijpen de slip van een Judese man, en zeggen: wij willen met u gaan, want wij hebben gehoord dat God met u is.”
Het was midden in de oorlog en de Grote Kerk in Naarden zat vol met kerkgangers. De mensen hielden hun hart vast vanwege eventuele verraders in de kerk. Tweemaal heeft hij in de gevangenis gezeten. Tweemaal kwam hij weer vrij.
Onze kleindochter Quirine heeft voor school een opstel geschreven over haar overgrootvader ds. Willem Glashouwer sr. Ze vertelt daarin onder andere hoe hij in de gevangenis troost bood aan iedereen die het nodig had. Tijdens een kerkdienst in de gevangenis bad hij dat de bezetter snel zou vertrekken en de koninklijke familie weer snel terug zou komen. De Duitse bewakers waren ook aanwezig en luisterden mee, maar deden niets. Verder schrijft Quirine in haar opstel dat haar overgrootvader en overgrootmoeder aan enkele Joodse kinderen onderdak geboden hebben. Daarmee liepen ze een groot risico, schrijft ze.
Ds. Willem Glashouwer sr. is geboren en getogen in het pittoreske plaatsje Hindeloopen, een van de elf steden in Friesland, waar de schaatsers van de Elfstedentocht langskomen. Er woonde in Hindeloopen in die tijd veel familie van hem. Velen waren betrokken bij het verzet. Een van hen was zijn neef Willem Glashouwer, verzetsman en schilder van het Hindelooper schilderwerk.
Deze Willem Glashouwer hield zich intensief bezig met het onderbrengen van Joodse onderduikers. Dit is te lezen in het artikel ‘De Joodse onderduikers’ over het verzet in Hindeloopen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij haalde hen van de trein in Workum of Molkwerum. Soms reisde hij naar Amsterdam om daar zelf Joden op te halen. Hij bracht ze dan, achterop zijn fiets, in het donker naar hun onderduikadres.
“Vanuit zijn vaste geloof in God en zijn vertrouwen op Hem heeft hij zich ingezet voor Joodse verdrevenen, toen zij dat het hardst nodig hadden.”
Het was een groot probleem om vertrouwde schuiladressen te vinden. Aanvankelijk dacht Willem dat oudere mensen met levenservaring en een ruime woning de meest geschikte gastgezinnen waren. Maar dat viel tegen. Zij durfden het risico niet te nemen. Daarom klopte hij voortaan eerder aan bij jonge gezinnen. Ook de predikant ter plaatse, ds. S. Wouda, nam gastvrij Joodse kinderen op. Zijn naam wordt vermeld in het boek ‘Verberg de verdrevenen’.
Andere problemen kwamen voort uit de ongezonde situatie van jarenlang opgesloten te moeten zitten. Soms klikte het niet tussen de onderduikers, die voortdurend op elkaars lip zaten. Dan ontstond er ruzie en werd Willem Glashouwer erbij gehaald om te bemiddelen. Regelmatig ging hij langs met een opbeurend praatje en nieuws over familieleden, die weer ergens anders een schuilplaats gevonden hadden. Als de onderduikers iets nodig hadden, reisde hij naar Amsterdam, Bussum of Muiderberg (waar destijds ds. Willem Glashouwer sr. predikant was).
In Hindeloopen arriveerden in juli 1942 de eerste Joden. In de loop van de oorlog volgden meer Joden, die een gastvrij onderdak vonden. Niemand van hen is opgepakt. Allemaal hebben ze de oorlog overleefd. Vrijwel niemand in Hindeloopen wist van hun bestaan af, hoewel men wel het een en ander vermoedde!
Willem Glashouwer in Hindeloopen heeft nooit een onderscheiding gekregen voor zijn inzet tijdens de oorlog. Dat wilde hij niet, want ‘hij deed het voor zijn Heer’, vertelde hij later aan zijn kinderen. Als hij problemen had, bad hij God om hulp. Op een gegeven moment waren alle distributiebonnen op. Willem was ten einde raad. Zonder die bonnen was het onmogelijk om aan eten te komen voor de onderduikers. Een andere verzetsstrijder bood hulp aan, en gaf hem het exacte aantal bonnen dat hij nodig had. Willem was ervan overtuigd dat God zijn gebed om hulp had gehoord.
Mijn man Willem en ik hebben ‘oom Wim’ nog gekend. We bezochten zijn atelier in Hindeloopen en zijn winkel met de prachtige stoffen, waar vroeger de klederdrachten van gemaakt werden. In ons huis staat een ‘Hylper krûke’, een Hindelooper kinderstoel, die nog door oom Wim beschilderd is. Onze vier kinderen hebben er allemaal ingezeten toen ze klein waren. Een mooie herinnering aan oom Wim, verzetsstrijder en kunstschilder!
Wat een voorbeeld heeft hij ons gegeven. Vanuit zijn vaste geloof in God en zijn vertrouwen op Hem heeft hij zich ingezet voor Joodse verdrevenen, toen zij dat het hardst nodig hadden. Hij heeft, met hulp van anderen, ‘de verdrevenen verborgen’. Jesaja 16:3: “Schaf raad, geef een beslissing, maak op de volle middag uw schaduw als nacht, verberg de verdrevenen, verraad vluchtelingen niet.’’
Dat geldt nog altijd. Ondanks het groeiend antisemitisme wereldwijd – ook in Nederland – naast Israël en het Joodse volk blijven staan. En geen politiek verraad plegen.