Sluiten

Zoeken.

Artikelen

Activiteiten

Kennisbank

Podcasts

Projecten

Publicaties

Videos

Overig

Joodse wereld

Terug naar overzicht

Hoe meer assimilatie, hoe meer antisemitisme

Door Rabbijn mr. drs. R. Evers - 

12 februari 2026

Joden (1)

Foto: Canva Pro

Deze week kwam ik hier in Israël een intelligente oud-leerling van me tegen. Ik vroeg hem: “Wat doe je tegenwoordig?” Hij antwoordde: “Ik zit hier nu op een jeshiva (een Talmoedhogeschool). Vorig jaar zat ik op een Nederlandse hogeschool. Ik heb daar niemand gezegd dat ik Joods was. Wat werd er negatief gepraat over Israël en over Joden! Ik kon er niet meer tegen. Ik moest weg. En ik schaamde me voor mezelf omdat ik niemand durfde te zeggen dat ik Joods ben. Zo kon ik niet verder."

“Ik ervaar het vreselijke antisemitisme en de enorme assimilatie die veel Joodse groeperingen doormaken (vooral buiten Israël) als tegenstrijdige bewegingen, die tot mijn stomme verbazing lijken samen te gaan: wat is het verband? Het lijkt wel alsof de regel geldt: hoe meer assimilatie, hoe meer antisemitisme. Hoe kan dit? Hier wringt bij mij een pijnlijke, bijna ironische paradox die velen liever niet onder ogen zien. En toch ervaar ik haar heel scherp: assimilatie en antisemitisme blijken geen tegengestelde krachten, maar vaak elkaars schaduw. Hoe kan dat?”

Ik keek hem verwonderd aan maar hij was niet meer te stuiten.

‘Iets anders’

“Generaties Joden in de diaspora hebben assimilatie omarmd als een rationele strategie. Minder zichtbaar zijn, minder ‘anders’, minder Joods: zo zou haat verdwijnen. De geschiedenis bood deze hoop telkens opnieuw aan, in steeds andere gedaanten - van de Verlichting en de emancipatie in de negentiende eeuw tot het liberale kosmopolitisme van vandaag.

Maar deze belofte berust op een misrekening. Assimilatie is een aanbod dat nooit volledig kan worden ingewilligd. Ik kan als Jood mijn rituelen opgeven, mijn taal vergeten, mijn namen veranderen, mijn kinderen laten opgaan in de meerderheid, maar ik blijf in de ogen van de omgeving vaak toch ‘iets anders’. Niet zichtbaar misschien, maar latent aanwezig. Juist dát maakt mijn assimilatie zo tragisch: zij vraagt om de uitwissing van mezelf zonder garantie op acceptatie.”

Hij kon niet meer stoppen.

Bewijs dat je geen Jood meer bent, door Israël te veroordelen. Wie dat weigert, wordt alsnog uitgesloten.

Karikatuur

“Op het eerste gezicht lijkt het absurd: hoe kan antisemitisme toenemen terwijl Joods leven verdwijnt? Maar antisemitisme is zelden een reactie op concrete Joden. Het is een idee, een projectiescherm voor maatschappelijke angsten, frustraties en morele verwarring. Wanneer Joden zichtbaar, zelfbewust en institutioneel sterk zijn, worden zij bestreden als macht. Wanneer zij verdwijnen, worden zij bestreden als mythe. In sterk geassimileerde samenlevingen verdwijnt het echte Jodendom met zijn tekstuele diepte, zijn ethische weerbarstigheid, zijn eigen tijdsbesef. Wat overblijft is een karikatuur: ‘de Jood’ als abstract symbool. En abstracties zijn makkelijker te haten dan buren.”

“Er is nog een diepere laag,” ging hij verder. “Assimilatie betekent niet alleen dat je je cultureel aanpast, maar vaak ook dat je je morele wortels verliest. Het Jodendom verdwijnt dan niet alleen als traditie, maar ook als een eigen morele stem met zijn nadruk op verantwoordelijkheid, grenzen, herinnering en het besef van iets dat ons overstijgt.

Wanneer Joden zichzelf zien als ‘gewoon burgers zoals alle anderen’, verdwijnt ook die kritische spiegel voor de samenleving. En spiegels zijn misschien ongemakkelijk, maar wel nodig. In plaats daarvan ontstaat er een leegte waarin oude vooroordelen terugkeren, soms in nieuwe vormen, zoals fel antizionisme, morele verontwaardiging of complotdenken.

Niet ‘één van ons’

Paradoxaal genoeg wordt de Jood juist verdachter wanneer hij ophoudt zichtbaar anders te zijn. Hij lijkt dan overal en nergens tegelijk. Niet meer herkenbaar als gemeenschap maar ook niet volledig verdwenen. En precies dát voedt wantrouwen.

Assimilatie belooft enkelvoudige loyaliteit: aan staat, cultuur, ideologie. Maar de Jood draagt per definitie meervoudige loyaliteiten — aan volk, tekst, verleden, G’d, Israël. Wanneer hij die probeert af te snijden, ontstaat geen rust, maar spanning.

De omgeving voelt dit feilloos aan. De geassimileerde Jood wordt niet gezien als ‘één van ons’, maar als iemand die iets heeft achtergelaten, en dat achterlaten wordt nooit helemaal geloofd. Assimilatie roept daardoor geen vertrouwen op maar voedt juist achterdocht.

Afscheid van de diaspora is een rouwproces. Maar hier in Israël gloort de dageraad.

Israël

Dit verklaart ook waarom antisemitisme vandaag zo vaak via Israël loopt. In sterk geassimileerde Joodse gemeenschappen fungeert Israël als een ongemakkelijke herinnering aan wat men dacht achter zich te hebben gelaten: collectieve identiteit, territoriale verbondenheid, zelfverdediging.

Hoe verder Joden zich van Israël verwijderen in naam van integratie, hoe sterker Israël wordt ingezet als morele lakmoesproef. De boodschap is impliciet maar helder: bewijs dat je geen Jood meer bent, door Israël te veroordelen. Wie dat weigert, wordt alsnog uitgesloten.”

Hij werd heel emotioneel: “De geschiedenis herhaalt zich niet mechanisch maar zij rijmt huiveringwekkend goed. Van Spanje tot Duitsland, van Frankrijk tot de Verenigde Staten: assimilatie heeft antisemitisme nooit voorkomen. Integendeel, zij heeft het vaak voorbereid door Joodse weerbaarheid te ondermijnen, intern vertrouwen af te breken en externe grenzen te vervagen.

Waar Joodse identiteit sterk, geleefd en collectief is, bestaat antisemitisme, maar het stuit op weerstand. Waar Joodse identiteit oplost, blijft antisemitisme bestaan, maar zonder tegenkracht.”

Geen tegenpolen

Hij moest weg maar zei tot afscheid: “Dit is geen oproep tot getto’s of culturele afsluiting. Het is een oproep tot innerlijke soevereiniteit. Tot het besef dat erkenning van buitenaf nooit de plaats kan innemen van zelferkenning. Dat wie zichzelf minimaliseert om geaccepteerd te worden, uiteindelijk noch zichzelf, noch acceptatie behoudt.

Assimilatie en antisemitisme zijn geen tegenpolen, maar twee bewegingen rond hetzelfde gemis: het ontbreken van een zelfbewuste, levende Joodse identiteit. En misschien is dat de meest ongemakkelijke conclusie van allemaal”. Het huilen stond hem nader dan het lachen: “Daarom ben ik naar Israël gekomen. Hier blijf ik. Hier is mijn thuis.”

Ik voelde intens met hem mee. Afscheid van de diaspora is een rouwproces. Maar hier in Israël gloort de dageraad.

Rabbijn-mr.-drs.-R.-Evers_avatar-90x90 (1)

De auteur

Rabbijn mr. drs. R. Evers

Rabbijn R. Evers was opperrabbijn in Düsseldorf. Hij maakte in de zomer van 2021 met zijn vrouw alija naar Israël. 

Doneren
Abonneren
Agenda