Sluiten

Zoeken.

Een zwaar onderschatte farizeeër

Door Klaas de Jong - 

13 oktober 2020

2020 Website CVI (14)

Een farizeeër had als taak het bestuderen en uitleggen van de thora.

Nicodemus is een Griekse naam. Maar de Nicodemus in de Bijbel was volop Joods, al kennen we zijn Hebreeuwse naam niet. De evangelist Johannes introduceert hem als volgt: “Er was een mens uit de Farizeeën; zijn naam was Nicodemus, een leider van de Joden.” Hij was lid van het Sanhedrin, de Hoge Joodse Raad van zeventig Joodse leiders.

“Er was een mens uit de Farizeeën”

Indrukwekkend, maar wat ik al op de christelijke basisschool over hem leerde was helemaal niet zo gunstig. Hij moest wel een laf figuur zijn omdat hij Jezus stiekem in de nacht bij hem liet komen. Hij was als Joodse leraar ook een mislukking, want hij nam de wedergeboorte letterlijk in plaats van geestelijk.

Een halve eeuw heb ik met dat vertekende beeld geleefd. Maar bij het schrijven van een boek over de rechtszaak tegen Jezus heb ik een heel andere Nicodemus leren kennen. Ik ontdekte dat de zo geliefde woorden “Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft” juist in die nacht bij Nicodemus door Jezus werden uitgesproken; juist die tekst van Johannes 3:16, die zoveel mensen geloofszekerheid heeft gegeven! Wat een intiem gesprek! Jezus vertelde Nicodemus er ook nog bij dat Hij verhoogd moest worden zoals de koperen slang op een staak tijdens de woestijnreis van het volk Israël.

In Johannes 7 lezen we dat Nicodemus het in het Sanhedrin opnam voor Jezus, waarop de anderen hem spottend vroegen of hij soms ook uit Galilea kwam. Maar zijn rol bij de begrafenis van Jezus is voor mij het meest indrukwekkende moment van zijn leven.

Nicodemus moest wel een laf figuur zijn omdat hij Jezus stiekem in de nacht bij hem liet komen.

Een kostbare schat voor de begrafenis

Samen met een ander lid van het Sanhedrin, die ook afstand nam van de rechtszaak tegen Jezus, begraaft Nicodemus Jezus in een nieuw graf vlakbij Golgotha. Dat was een heel opmerkelijke begrafenis. Volgens de Romeinse wet had het lichaam van Jezus samen met de andere gekruisigden op een oneervolle plek gedumpt moeten worden in plaats van in een luxe graf.

Wellicht waren het zijn schuldgevoelens die Pilatus er toe brachten om het lichaam toch aan Josef van Arimatea ter beschikking te stellen. Het dure graf was van deze Josef. Zijn vriend Nicodemus bracht ruim dertig kilo mirre en aloë mee. Dat was een verbijsterende hoeveelheid, die een vermogen waard was. We weten van de elf leerlingen hoe moeilijk ze het vonden om te geloven dat hun Heer daadwerkelijk na drie dagen en nachten was opgestaan en het graf had verlaten. Van Nicodemus en Josef van Arimatea weten we het niet.

Als nuchtere Nederlander kun je denken dat ze niet zoveel geld aan mirre en aloë zouden hebben besteed als ze beseften dat Hij na drie dagen weer zou opstaan. Maar zo mogen we niet denken. Dan volgen we de mannen die bij de zalving van Jezus met uiterst kostbare nardusolie zeiden: “Waar is deze verkwisting goed voor?” Jezus wees hen terecht: “Wat ze kon, heeft ze gedaan: ze heeft mijn lichaam nu al met olie gebalsemd, met het oog op mijn begrafenis”

Wat zou er menselijk gesproken gebeurd zijn als zij Jezus niet zo koninklijk hadden begraven in een graf met een rolsteen ervoor?

Een schemerchristen en een rabbinist?

Nicodemus en Josef worden in preken vaak betiteld als schemerchristenen, mensen die niet openlijk voor hun geloof uitkomen. Calvijn beschuldigde Nicodemus ook van ‘rabbinisme’. Dat klinkt heel akelig, maar hij bedoelde hiermee dat Nicodemus geen afstand nam van de rabbi’s en het jodendom. Wellicht kende Calvijn niet de rabbijnse wijsheid dat je niet over iemand moet oordelen als je nooit in dezelfde situatie hebt gezeten.

Van het verdere leven van Nicodemus weten we nauwelijks iets. Wat je ook van heiligverklaringen mag denken, vind ik het toch bijzonder dat de Rooms-Katholieke kerk zowel Nicodemus als Jozef van Arimatea heilig heeft verklaard. Deze twee mannen verdienen onze aandacht. Wat zou er menselijk gesproken gebeurd zijn als zij Jezus niet zo koninklijk hadden begraven in een graf met een rolsteen ervoor?

Dit artikel is geschreven door Klaas de Jong op basis van het boek 'Verrassende feiten over de rechtzaak tegen Jezus. Het boek verschijnt begin november bij Toetssteen Boeken.

De auteur

Klaas de Jong

Doneren
Abonneren
Agenda