Het is nog steeds onrustig aan de grenzen. Niet alleen bij Gaza, maar ook aan de Libanese grens. Vrijwel dagelijks worden terroristen geëlimineerd die onderweg zijn om een aanslag in Israël te plegen. Het nieuws volgt elkaar in hoog tempo op en de dreiging lijkt nooit echt weg.
Die voortdurende spanning zorgt voor verdeeldheid binnen de Israëlische samenleving. Discussies die je eigenlijk liever niet voert, maar die zich toch opdringen. De meningen zijn vaak uitersten: fel links of uitgesproken rechts. Er lijkt weinig ruimte te zijn voor nuance, voor twijfel, voor het eenvoudige "ik weet het ook niet".
Ik merk dat niet alleen hier, maar ook in gesprekken met Israëlische én Nederlandse vrienden. Er móét een standpunt zijn. Alsof zwijgen, luisteren of zoeken naar grijstinten geen optie meer is.
De cijfers onderstrepen dat gevoel van onzekerheid. In 2025 verlieten meer dan 69.000 Israëli’s het land. Voor het tweede jaar op rij noteerde Israël daarmee een negatief migratiesaldo. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek groeide de bevolking met slechts 1,1% naar 10,18 miljoen, een uitzonderlijk laag groeicijfer. Per saldo vertrokken er ongeveer 20.000 mensen meer dan er arriveerden. Onderzoekers wijzen op oorlog, politieke spanningen en onzekerheid als belangrijke oorzaken. Hoewel er veel geboortes waren, konden die de uitstroom niet compenseren.
Het is allemaal niet bepaald om vrolijk van te worden.
Er lijkt weinig ruimte te zijn voor nuance, voor twijfel, voor het eenvoudige “ik weet het ook niet”.
En toch.
Ik werd de afgelopen tijd geraakt door twee Nederlandse berichten. Klein nieuws, misschien zelfs onbeduidend op wereldschaal, maar met een grote impact.
Het eerste was een artikel in het NRC van 4 januari 2026, geschreven door Annemieke Leclaire. Over een conducteur die via de intercom reizigers niet alleen informeert, maar hun ook iets vriendelijks meegeeft. Zoals “…leven zonder liefde is als een landschap zonder zon…” Een paar aardige woorden, zomaar, tussen vertrek en aankomst. Iets kleins, maar juist daarom zo krachtig.
Het tweede kwam van LinkedIn. Iemand schreef over zijn moeder, en daarvoor zijn opa, die ieder jaar begin januari een advertentie plaatst. De tekst is eenvoudig: “Alle mensen die alleen zijn wens ik een gelukkig nieuwjaar.” Daaronder: haar naam en adres.
Geen politiek. Geen mening. Geen debat. Alleen een handreiking. Misschien zijn het juist dit soort kleine gebaren die laten zien waar nog ruimte zit. Voor menselijkheid. Voor zachtheid. Voor het besef dat we, ondanks alles, niet alleen hoeven te zijn.
En misschien is dat, in tijden van onrust, wel precies wat we het hardst nodig hebben.