Sluiten

Zoeken.

Artikelen

Activiteiten

Kennisbank

Podcasts

Projecten

Publicaties

Videos

Overig

Joodse wereld

Terug naar overzicht

Wanneer Jozef huilt, huilt Israël mee

Door Rabbijn mr. drs. R. Evers - 

16 januari 2026

F140720HP12

Foto: Flash90

We lazen twee weken terug over Jozef en zijn broers. De zoons van Ja’akov hadden hun broer Jozef naar Egypte verkocht. Nu bleek hij de onderkoning van Egypte te zijn. Jozef breekt en vergeeft zijn broers hun vreselijke misdaad.

Wanneer Jozef uitroept: “Ik ben Jozef”, zijn zijn broers zo vreselijk in de war, dat ze totaal niet kunnen reageren. In de Joodse literatuur wordt dit vergeleken met het Messiaanse moment dat G’d zich aan het einde der tijden aan de mensheid openbaart en zegt: “Ik ben G’d”. Op dat dramatische moment vallen de schellen van onze ogen en begrijpen wij waarom alles in de geschiedenis zo heeft moeten lopen, zoals het verlopen is, inclusief alle onbegrijpelijke ellende. Vandaag wil ik het niet zo apocalyptisch maken en een meer eigentijdse versie van Jozefs verhaal met u delen.

Rauwe emotie

Er zijn momenten waarop woorden hun kracht verliezen. Verklaringen, analyses, politieke toespraken - ze botsen tegen muren van wantrouwen en vermoeidheid. En dan gebeurt er iets anders: iemand breekt. Niet strategisch, niet berekend, maar rauw en ongefilterd. Tranen. Hard, hoorbaar, niet te stoppen. In zulke momenten verschuift er iets in de ruimte. Niet omdat men het eens wordt, maar omdat men weer voelt.

De Thora beschrijft zo’n moment wanneer Jozef zich eindelijk aan zijn broers bekendmaakt. Zijn huilen is zo luid dat heel Egypte het hoort. Zelfs het huis van Farao. Dat detail is geen decoratieve overdrijving. Het is de kern van het verhaal. Jozef huilt niet om zichzelf alleen. Hij huilt om een breuk die alleen met kwetsbaarheid kan worden overbrugd.

Neurowetenschappelijk onderzoek van Paul Zak laat zien waarom dit werkt. Echte emotie - zichtbaar lijden - activeert oxytocine in de hersenen van de toeschouwer. Niet rationeel, maar lichamelijk. Wie iemand ziet huilen, voelt mee, zelfs tegen zijn wil in. De pijn wordt gedeeld voordat zij wordt begrepen.

Dat mechanisme is vandaag pijnlijk herkenbaar in Israël.

Elk kamp spreekt zijn eigen taal. Maar niemand huilt hard genoeg dat de ander het niet kan negeren.

Gebrek aan gedeelde emotie

Israël lijdt niet aan een gebrek aan meningen. Het lijdt aan een gebrek aan gedeelde emotie. Religieus staat tegenover seculier. Links staat tegenover rechts, centrum tegenover periferie en Ashkenazisch (westers) tegenover Sefardisch (oosters). En de afgelopen jaren: vóór of tegen hervormingen, vóór of tegen oorlog, vóór of tegen compromissen. Elk kamp spreekt zijn eigen taal, gewapend met argumenten, cijfers en morele claims. Maar niemand huilt hard genoeg dat de ander het niet kan negeren.

Jozefs eerdere tranen waren stil. Verborgen. Hij draaide zich om, verliet de kamer, waste zijn gezicht. Dat waren tranen van afstand. Tranen die niets veranderden. Pas wanneer hij zich niet meer kan inhouden, wanneer zijn lichaam hem verraadt, begint verzoening mogelijk te worden. Niet omdat de broers ineens moreel overtuigd zijn, maar omdat hun verdedigingsmechanismen kortsluiten.

Israël kent die momenten ook. Denk aan de ouders van gesneuvelde soldaten die publiekelijk spreken. Aan familieleden van gijzelaars die breken voor de camera. Aan overlevenden die niet schreeuwen, maar instorten. Steeds opnieuw zien we: op het moment dat iemand niet overtuigt maar breekt, verandert de toon. Even. Kort. Maar wel echt.

De grootste bedreiging voor Israël is nog steeds de verdeeldheid, die het land in tweeën splijt.

Tranen lossen uiteindelijk niets op

En toch leert Jozefs verhaal ons iets ongemakkelijks: tranen lossen niets definitief op. Na zeventien jaar overlijdt vader Jakob. De broers vrezen Jozefs wraak nu vader er niet meer is. Zeventien jaar later vertrouwen de broers Jozef nog steeds niet. Jozef huilt opnieuw. Kwetsbaarheid opent de deur maar wist het verleden niet uit.

Dat is misschien wel de meest eerlijke les voor Israël: nationale heling is geen moment maar een proces. Verzoening is geen ceremonie maar een verwerking van haat en wantrouwen. We moeten leren afscheid nemen van ingebakken vooroordelen en de grootste gemene deler leren zoeken en vinden.

De grootste bedreiging voor Israël is nog steeds de verdeeldheid, die het land in tweeën splijt. Wat Israël vandaag nodig heeft, is niet nóg een verklaring, commissie of slogan. Het heeft momenten nodig waarin leiders - politiek, religieus, maatschappelijk - hun rol durven loslaten. Zoals Jozef. Niet huilen als strategie, maar als waarheid. Zachte tranen achter gesloten deuren werken niet. Smart moet hoorbaar verdriet worden, dat niemand ongemoeid laat.

Want zolang iedereen gelijk wil hebben, blijft iedereen alleen. Maar wanneer iemand durft te breken, gebeurt er iets dat sterker is dan argumenten. Dan herinnert het lichaam zich wat het hoofd vergeten is: dat we broers zijn, zelfs wanneer we elkaar pijn hebben gedaan. Jozef huilde zo luid dat heel Egypte het hoorde. Misschien is het tijd dat Israël zichzelf weer zo hoort.

Rabbijn-mr.-drs.-R.-Evers_avatar-90x90 (1)

De auteur

Rabbijn mr. drs. R. Evers

Rabbijn R. Evers was opperrabbijn in Düsseldorf. Hij maakte in de zomer van 2021 met zijn vrouw alija naar Israël. 

Doneren
Abonneren
Agenda