‘Nu leef ik weer’: Omri Miran bouwt zijn leven weer op na zijn gevangenschap door Hamas
Door Hodaya Busheri (JNS/Israel Hayom) -
22 september 2026
In de tuin van hun prefabwoning hebben Omri en Lishay Miran een granaatappelboom geplant, misschien wel het meest passende symbool voor hun nieuwe jaar: een poging om nieuw leven te laten groeien op een nieuwe plek. Ze wonen nu in Carmit, een gemeenschap in het noorden van de Negev, maar "kibboets Nahal Oz zal altijd ons thuis blijven”, zegt Omri.
Die zin vat misschien wel de spanning samen waarin zij, net als veel andere gezinnen van voormalige gijzelaars, het afgelopen jaar hebben geleefd: proberen ergens anders opnieuw wortel te schieten zonder de plek op te geven waaruit ze zijn verdreven. Twee dochters opvoeden in een nieuwe werkelijkheid zonder de oude uit te wissen, en opnieuw leren hoe je samen een echtpaar en een gezin bent, na twee jaar waarin ze in twee totaal verschillende werelden leefden.
Ook een andere zin lijkt die reis treffend samen te vatten. Die werd uitgesproken in het ziekenhuis, kort nadat Omri uit gevangenschap was teruggekeerd. Alma was zes maanden oud toen haar vader werd ontvoerd en tweeënhalf toen hij terugkwam. Toen hij voor haar stond, zei ze: “Papa, je bent uit het plaatje gekomen.”
'Ik leef wel, maar eigenlijk leef ik niet echt'
“Er is een psycholoog, er is fysiotherapie. Dat is allemaal goed en wel, maar het zijn hulpmiddelen. Dat is niet de revalidatie zelf”, legt Omri uit. “Ik doorloop onderweg behoorlijk wat processen. De afgelopen tien maanden volg ik een revalidatietraject bij het revalidatiecentrum Ezra LeMarpe van rabbijn Elimelech Firer in Sderot. Revalidatie is wat ieder van ons met zichzelf doet, wat we met elkaar doen en wat we als gezin doen, terwijl we proberen te begrijpen wat onze plek in de wereld nu is en waar we daarin passen.”
Voor hem zijn thuiskomen en terugkeren naar het leven twee verschillende dingen. “Ik denk dat we allebei, ieder op ons eigen niveau, in een toestand verkeerden van: ‘Ik leef wel, maar eigenlijk leef ik niet echt.’”
Voordat Omri op 7 oktober 2023 werd ontvoerd en 738 dagen werd vastgehouden, was hij een zeer betrokken vader. Hij werkte op de kibboets en bracht veel tijd door met Roni. Ze kookten samen, maakten uitstapjes, fietsten en trokken eropuit, de velden in. Toen hij terugkeerde, ontdekte hij dat zijn dochters waren doorgegaan met opgroeien. “Je komt daar aan en dat gaat op zichzelf heel natuurlijk, maar je dochter weet helemaal niet zeker of dit echt is. Ze weet niet zeker of jij het wel bent. Je kunt niet eens bij haar in de buurt komen”, vertelt hij.
Het kostte maanden om de band en het gevoel van veiligheid weer op te bouwen. “Er is natuurlijk ook schuldgevoel”, zegt hij. Tegelijkertijd kwam het besef dat er geen snelle oplossing was. “Dit is de situatie en we gaan eraan werken om die te verbeteren, maar dat is nu juist wat revalidatie inhoudt. In het begin kun je nog niet de vader zijn die je wilt zijn. En dan besef je ook iets over jezelf: wacht eens, ik heb zelf die kracht ook nog niet.”
“In het begin kun je nog niet de vader zijn die je wilt zijn. En dan besef je ook iets over jezelf: wacht eens, ik heb zelf die kracht ook nog niet.”
— Ex-gijzelaar Omri Miran
Een oude, nieuwe relatie
Ook hun huwelijk moest opnieuw zijn plek vinden. Omri en Lishay zijn ongeveer zes jaar samen, waarvan ze er twee apart van elkaar doorbrachten. Wanneer hem wordt gevraagd wat hij sinds zijn thuiskomst opnieuw heeft ontdekt, praat Omri liever over wat nooit verdwenen is. “Onze relatie is nog vrij nieuw. We zijn in totaal pas zes jaar samen, maar de band is er en dat is niet veranderd.”
Gedurende de twee jaar dat Omri gevangen werd gehouden, had Lishay één doel. Ze voedde hun dochters op, reisde door Israël en de rest van de wereld, gaf interviews, ontmoette besluitvormers en streed voor zijn terugkeer. Pas nadat hij was teruggekeerd, toen het doel dat haar twee jaar lang op de been had gehouden was bereikt, begon haar eigen verwerking.
“Ik denk dat ik er pas de afgelopen zes maanden überhaupt aan ben begonnen om ermee aan de slag te gaan”, zegt ze. “Om te begrijpen wat het betekent om gegijzeld te worden, om je dochter in de handen van iemand anders te zien, met een geweer op haar gericht.”
In de eerste nacht na Omri’s terugkeer sliepen ze nauwelijks. “We hebben bijna de hele nacht gepraat”, vertelt Lishay.
Ze vertelde hem wat er in Israël was gebeurd, en hij vertelde haar wat daar, in Gaza, was gebeurd. De avonden daarna zaten ze samen en probeerden ze die twee werkelijkheden met elkaar te verbinden. Hij beschreef iets wat hij tijdens zijn gevangenschap had meegemaakt, en zij probeerde zich te herinneren wat er op datzelfde moment in Israël was gebeurd.
Uiteindelijk begrepen ze dat er geen manier was om alles in te halen wat ze hadden gemist. “Twee jaar lang leefden we in afzonderlijke werkelijkheden die elkaar nooit raakten, en we wisten niet wanneer die weer bij elkaar zouden komen”, zegt Lishay. “Mensen vragen ons: ‘Hebben jullie inmiddels alles bijgepraat?’ Maar je kunt twee jaar niet zomaar inhalen.”
‘Er komen slechte mensen’
In het begin probeerden de meisjes hun vader ook alles te vertellen wat ze hadden meegemaakt: waar ze hadden gewoond, wat ze hadden gedaan en wat er was gebeurd. Maar op een gegeven moment moesten ook zij begrijpen dat hun hele leven niet om die twee ontbrekende jaren kon blijven draaien. “We moeten in het heden leven”, zegt Lishay.
Roni, zes jaar oud, herinnert zich 7 oktober nog goed. Omri vertelt dat ze tijdens een gesprek over Nahal Oz, toen ze begreep dat er misschien andere mensen als huurders in hun huis zouden komen wonen, onmiddellijk reageerde. “Maar dat is gevaarlijk. Er komen slechte mensen die hen meenemen.”
“Met zulke dingen is het niet eenvoudig om haar daar weer mee naartoe te nemen, en het is ook niet juist”, zegt Omri. Toch voelen ze zich op de plek waar ze nu wonen nog steeds niet thuis. “Ik hoop dat we weer een plek kunnen vinden die als thuis voelt, zoals Nahal Oz dat deed”, zegt Lishay.
Ze beschrijft een ingewikkeld gevoel. Aan de ene kant is er de wens om te zeggen dat ze zich niet laten verslaan, dat ze van de plek houden en ernaar zullen terugkeren. Aan de andere kant zijn er dingen die ooit gewoon bij het dagelijks leven in de gemeenschappen aan de grens met Gaza hoorden, maar waarvan ze nu niet meer het gevoel hebben dat ze er zomaar mee kunnen instemmen.
Bijna een jaar na Omri’s terugkeer blijft de omgang met de staat over de meest elementaire zaken een zware wissel op hun leven trekken. “Er is hier sprake van een zeer ernstige vertrouwenscrisis”, legt Omri uit. “Al die strijd die we nu moeten voeren, draagt in feite niet bij aan onze revalidatie.”
Hij zegt dat zaken die allang geregeld hadden moeten zijn, telkens opnieuw uitlopen op strijd. “Er zijn dingen waarover ze al een besluit hadden moeten nemen en die ze hadden moeten uitvoeren. Maar dat doen ze niet en in plaats daarvan werpen ze ons obstakels op.”
Lishay spreekt over officiële erkenning voor mensen die schade hebben ondervonden door hun ontvoering, de rechten van voormalige gijzelaars, langetermijnoplossingen voor mensen die niet naar hun huizen kunnen terugkeren en de noodzaak om onderzoek te doen naar de tekortkomingen die tot 7 oktober hebben geleid.
“Ik hoop dat we weer een plek kunnen vinden die als thuis voelt, zoals Nahal Oz dat deed.”
— Lishay, vrouw van Omri Miran
‘Op weg naar herstel en verandering’
Nu de Israëlische verkiezingen naderen, maakt Lishay er geen geheim van dat ze verandering wil, al gelooft ze niet dat alleen een regeringswisseling alles zal oplossen. “Wat mij betreft moet er hier verandering komen”, zegt ze. “Zeg ik dat ik al mijn hoop daarop vestig en dat er plotseling een prachtige nieuwe wereld zal ontstaan? Nee. Maar we zullen een weg banen naar herstel en verandering.”
Ook de politiek heeft onlangs haar intrede gedaan in het gezin. Dani Miran, Omri’s vader, die gedurende twee jaar een van de prominente stemmen was in de campagne om zijn zoon thuis te krijgen, heeft besloten de politiek in te gaan via de Ouderenpartij. Omri vertelt dat zijn vader ook andere aanbiedingen heeft gekregen, maar dat zijn aandacht uitgaat naar sociale kwesties.
Lishay maakt onderscheid tussen de staat als systeem en de mensen zelf. Over de reservisten van het Israëlische leger, die telkens opnieuw worden opgeroepen voor militaire dienst, zegt ze: “Ik kan alleen maar zeggen: dank jullie wel.”
Hun besluit om in het openbaar hun verhaal te vertellen, is eveneens voortgekomen uit het afgelopen jaar. Omri spreekt inmiddels voor publiek, onder anderen voor militairen. Hij vertelt over 7 oktober en zijn gevangenschap, maar richt zich vooral op de mentale strijd. “Hoe leef je van minuut tot minuut, van dag tot dag”, zegt hij, “en wat doe je om je geest te beschermen en die zo veel mogelijk intact te houden?”
Voor hem is het vertellen van zijn verhaal een missie. “We zijn hier maar voor een beperkte tijd en we moeten ons verhaal doorgeven. Deze waarheid mag niet worden vergeten.”
De gezamenlijke bijeenkomst van hem en Lishay zal anders zijn. Ze houdt er zelfs niet van om het een lezing te noemen. “Het is een gesprek”, zegt ze, over het leven van vóór hun gevangenschap, het leven gedurende de twee jaar dat ze van elkaar gescheiden waren en het leven daarna.
Voor Lishay is het besluit ook een poging om de regie over hun eigen verhaal terug te nemen. Gedurende Omri’s gevangenschap was ze er zorgvuldig op bedacht om niet te zeggen dat ze wist wat hij dacht of voelde, of wat hij doormaakte. Nu is hij hier. “Ik begon het gevoel te krijgen dat andere mensen ons verhaal vertelden”, zegt ze.
Stap voor stap
Tegelijkertijd begint Omri opnieuw aansluiting te vinden bij het leven dat hij vóór 7 oktober had. Hij wil terugkeren naar de wereld van shiatsu, waarin hij als therapeut werkte, hoewel hij zich nog niet klaar voelt om weer volledige behandelsessies te geven. Daarom begint hij met workshops. “Gewoon om er op de een of andere manier weer contact mee te hebben”, zegt hij. “Om me er op een bepaalde manier weer op in te stellen, om een volgende stap te zetten.”
En ‘de volgende stap’ is misschien wel de meest treffende omschrijving van dit jaar. Geen volledige terugkeer, geen einde aan de revalidatie en geen poging om uit te wissen wat er is gebeurd. Gewoon weer een stap verder.
Toen Omri werd ontvoerd, vertelt Lishay, deed ze zichzelf twee beloften: dat hij het woord ‘papa’ weer zou horen en dat haar dochters in een betere wereld zouden leven. De eerste belofte heeft ze al in vervulling zien gaan.
In hun hereniging, in Omri’s geleidelijke terugkeer naar de wereld van de therapie, in een huwelijk dat opnieuw wordt opgebouwd en in twee meisjes die leren dat hun vader niet langer slechts een afbeelding is, proberen ze nu de tweede belofte waar te maken. Of, zoals Omri het zegt: “Nu leef ik.”
Oorspronkelijk gepubliceerd op Israel Hayom.