Sluiten

Zoeken.

Artikelen

Activiteiten

Kennisbank

Podcasts

Projecten

Publicaties

Videos

Overig

Opinie

Actueel

Terug naar overzicht

New York Times en BBC negeren rapport van Amnesty over Hamas

Door Maia Zelkha - 

1 september 2026

0402 - F250215ARK514 (optie 1) (1)

Hamas pleegde meerdere buitengerechtelijke executies in Gaza. | Foto: Flash90

Amnesty International is allesbehalve een marginale bron geweest in de berichtgeving van de BBC en The New York Times over de Gazastrook. Van oktober 2023 tot oktober 2025 behoorde Amnesty International tot de top drie van meest geciteerde organisaties in de berichtgeving van deze twee grote mediakanalen over het conflict tussen Hamas en Israël.

Toch hebben deze toonaangevende media, die doorgaans veel aandacht besteden aan rapporten van ngo’s over dodelijke slachtoffers of crises in de Gazastrook, opvallend genoeg geen melding gemaakt van het nieuwe rapport van Amnesty International over de buitengerechtelijke executies door Hamas.

Op 21 augustus publiceerde Amnesty International een uitgebreid rapport waarin de buitengerechtelijke executies door Hamas in Gaza werden veroordeeld en waarin werd opgeroepen tot gerechtigheid voor de slachtoffers. Het rapport documenteerde negen gevallen waarin aan Hamas gelieerde autoriteiten en strijdkrachten buitengerechtelijke executies uitvoerden en één onwettige moord. De meesten werden gepleegd in de onmiddellijke nasleep van het staakt-het-vuren van oktober 2025.

Een bijzonder schokkend geval was de openbare executie van acht leden van de familie Dughmush uit de wijk Al-Sabra in Gaza, die werden beschuldigd van collaboratie met Israël. Familieleden die de begrafenis van de acht slachtoffers bijwoonden, vertelden Amnesty International dat de lichamen van de slachtoffers zichtbare sporen van marteling vertoonden.

Het rapport documenteerde ook de moord op Hisham al-Saftawi (57) in het vluchtelingenkamp Al-Bureij in oktober 2025. Dertig gemaskerde mannen, die zich identificeerden als leden van de Al-Qassam-brigades van Hamas, bestormden het huis van al-Saftawi en schoten hem in de rug nadat hij had geweigerd gehoor te geven aan arrestatiebevelen.

“De totale stilte bij de BBC en The New York Times over deze moorden is opmerkelijk, gezien de geschiedenis van beide media om sterk te leunen op Amnesty in hun obsessieve berichtgeving over de humanitaire kwesties in de kustenclave.”

Het rapport citeerde een bevinding van een VN-onderzoekscommissie waarin 249 gevallen van buitengerechtelijke executies en ernstig geweld in Gaza tussen augustus 2024 en januari 2026 werden vastgesteld. Ten minste zestig daarvan zijn toe te schrijven aan Hamas gelieerde strijdkrachten.

De totale stilte bij de BBC en The New York Times over deze moorden is opmerkelijk, gezien de geschiedenis van beide media om sterk te leunen op Amnesty in hun obsessieve berichtgeving over de humanitaire kwesties in de kustenclave.

Eén enkele verklaring van Amnesty over de humanitaire omstandigheden in Gaza leidt stelselmatig tot meerdere artikelen binnen elk medium, waarin vaak identieke citaten worden hergebruikt in verschillende stukken die dagen of weken na elkaar worden gepubliceerd. Toen Amnesty International in december 2024 als eerste mensenrechtenorganisatie Israël beschuldigde van genocide, vormde die ene bevinding de basis voor meer dan een dozijn afzonderlijke artikelen in de daaropvolgende negen maanden. Telkens wanneer Amnesty zich over Israël uitspreekt, gebruiken beide media hun rapporten maanden of zelfs jarenlang als bron voor hun berichtgeving.

Gedurende twee jaar berichtgeving citeerde The New York Times honderden keren kritiekloos tientallen ngo’s in hun berichtgeving over Israël. Meer dan een derde van hun specifieke citaten van Amnesty had betrekking op Israël, en zo’n 65 procent van alle citaten van ngo’s in de berichtgeving over de wereldwijde conflicten in die periode betrof het optreden van Israël. Afgezet tegen die omvang maakt het totale gebrek aan berichtgeving in de krant over het nieuwste rapport van Amnesty over de misdaden van Hamas duidelijk wiens optreden als nieuwswaardig wordt beschouwd en wiens niet.

The New York Times kwam, lang nadat ze waren gepubliceerd, voortdurend terug op verschillende twijfelachtige beschuldigingen van Amnesty over Israëlisch wangedrag: de bewering dat Israël illegaal witte fosfor zou hebben gebruikt in Libanon; de beschuldiging dat Israël via gezichtsherkenningstechnologie “geautomatiseerde apartheid” zou toepassen; het controversiële rapport over massagraven nabij het Nasser-ziekenhuis in het zuiden van de Gazastrook; en de beschrijving van Israëlische evacuatiewaarschuwingen als “ontoereikend”.

Gezien het uitgebreide gebruik van rapporten van Amnesty International met betrekking tot Gaza door deze krant, is dit nieuwste rapport, waarin de moorden door Hamas gedetailleerd worden beschreven, precies het soort informatie waarvan men zou verwachten dat de krant er aandacht aan zou besteden.

Toch werd in deze periode van twee jaar in slechts twee artikelen van The New York Times gebruikgemaakt van bevindingen van een ngo om een beschuldiging tegen Hamas te onderbouwen. Daarin werd verwezen naar een Amnesty-rapport uit 2014 over hoe Hamas het Al-Shifa-ziekenhuis in Gaza-stad gebruikte om “verdachten vast te houden, te ondervragen, te martelen en op andere manieren te mishandelen”, in combinatie met kritische aandacht voor de Israëlische bombardementen op het ziekenhuis.

“Het rapport past simpelweg niet in het verhaal dat zij over deze oorlog hebben gekozen te vertellen.”

Net als The New York Times maakte ook de BBC op diverse manieren gebruik van verklaringen van Amnesty in haar berichtgeving over Israël. De BBC bracht uitgebreid en kritiekloos verslag uit over de karakterisering door Amnesty van de vloot van Greta Thunberg als “een aanklacht” tegen de Israëlische blokkade. Ook werd verslag gedaan van de campagne van Amnesty om bij de FIFA en de UEFA te lobbyen voor een schorsing van Israël als deelnemer aan internationale voetbaltoernooien. Toen het Verenigd Koninkrijk in september 2024 de wapenverkoop aan Israël gedeeltelijk opschortte, citeerde de BBC Amnesty, die deze maatregel in drie afzonderlijke artikelen op één dag “politieke gebaren” en “vol mazen” noemde.

Binnen deze periode van twee jaar waarin de BBC hierover berichtte, was de enige verwijzing naar een ngo die Hamas veroordeelde een rapport van Human Rights Watch waarin werd gesteld dat Hamas en andere groeperingen op 7 oktober 2023 oorlogsmisdaden hadden begaan – gepubliceerd meer dan negen maanden nadat het bloedbad plaatsvond.

Media zoals The New York Times en de BBC behandelen rapporten van Amnesty International als een onaantastbare waarheid, dat in honderden artikelen uitvoerig wordt beschreven en uitgediept, waardoor de zwaarste beschuldigingen tegen Israël worden gelegitimeerd. Het publiceren van vervolgartikelen over dergelijke rapporten over Gaza is het gebruikelijke patroon in hun berichtgeving over het conflict.

Toch heeft geen van beide aandacht besteed aan dit zeldzame rapport waarin het misbruik door Hamas wordt veroordeeld; het past simpelweg niet in het verhaal dat zij over deze oorlog hebben gekozen te vertellen.

Anonieme auteur artikelen

De auteur

Maia Zelkha

Maia Zelkha is onderzoeker bij CAMERA (Committee for Accuracy in Middle East Reporting and Analysis).

Doneren
Abonneren
Agenda