Naar huis • Oekraïnedagboek Marijke, Dag 4
Door Marijke Terlouw -
18 december 2025
Vandaag is het dan zo ver. Vijftien mensen van de Joodse gemeenschap in Oekraïne vertrekken voorgoed naar Israel. Anders gezegd: zij gaan naar huis. Maar een lange rit wacht eerst nog. De rit begint met wat bijna symbool is geworden voor Oekräïne: de dagelijkse oproep door de luidsprekers van elke stad om een minuut stilte in acht te nemen voor de slachtoffers van de oorlog, gevolgd door een tikker die de minuut aftelt. Doodstil staan we daar voordat we de bus instappen. Vanuit de oorlog op weg naar het beloofde land. De passagiers zijn stil. Vertrekken uit je vaderland doe je niet zomaar. Je laat voorgoed iets achter en je weet dat je hier nooit meer terugkomt - zeker als je al ouder bent. Maar zolang je niet de grens over bent, blijft er toch een spanning knagen en ben je nog niet weg. Ik merk het aan de mensen. En door dichte mist en velden overdekt met rijp rijden we naar Moldavië.
De sfeer verandert in de bus als we de grens over zijn. Ik weet niet of de mensen het zelf doorhebben. Het is alsof de adem ontsnapt. En sommige zijn dan ook bijna letterlijk ontsnapt aan de oorlog. Een vrouw uit Charkov die ik al eerder in de schuilplaats ontmoette, zit ook in de bus. Ze gaat alleen, ze heeft hier niemand meer. Jaren geleden was ze een poos in Israël omdat haar zoon al in Israël was. Hij kreeg kanker en is overleden. Maar hoewel het verdriet er nog altijd is, vertelt ze dat ze weet dat hij in Israël de best mogelijke zorg heeft gekregen. Daarna keerde ze terug naar Oekraïne, want ze had haar eigen bedrijf. Ze verkocht souvenirs aan de Russische Zwarte Zee en in Charkov. Maar sinds de oorlog is er weinig meer te verdienen met souvenirs. Alleen moest ze formeel wel het bedrijf opheffen. Dat had echt zijn tijd nodig, zeker omdat het oorlog is, loopt alles toch anders. Nu vertrekt ze naar Ashdod. Ik zie haar gezicht stralen. Ze vertelt over het strand daar en de zon. Ze kijkt er enorm naar uit.
Een paar rijen verder zit een oude dame met haar dochter en schoonzoon. De dame spreekt ons aan: het lijkt net een excursie deze reis. En ze doelt op de bus, de maaltijden die verzorgd zijn, het hotel. Er is ook een jonge man in het gezelschap. Hij reist ook alleen en is 21 jaar. Veel laat hij niet los. Hij wil gaan werken in Israël. Hij laat al zijn familie achter. Hij komt uit de buurt van Zaparoshe, midden in oorlogsgebied. Ik vraag hem of zijn familie ook van plan is naar Israël te komen. Maar dat weet hij nog niet. Daar kan hij nog niet aan denken. Volgens mij is wat hem bezighoudt: weg uit de oorlog en een nieuwe toekomst opbouwen. Ik wens hem het allerbeste toe.
Het landschap van Moldavië trek aan ons voorbij. Het valt me op wat een verschil er is met vier jaar geleden. Toen was Moldavië in vergelijking met Oekraïne duidelijk armer, viezer, aftandser. Nu zijn de rollen omgedraaid. Oekraïne is veel onverzorgder. Veel vervallen huizen, onkruid dat weelderig tiert; in Moldavië wordt aan de weg gewerkt, zijn de tuintjes verzorgd, de bomen gesnoeid, zie je kleine reparaties aan huizen. En dat met slecht vier jaar verschil.
“De dagelijkse oproep door de luidsprekers van elke stad om een minuut stilte in acht te nemen voor de slachtoffers van de oorlog, gevolgd door een tikker die de minuut aftelt.”
Als we aan het einde van de middag aankomen bij het hotel is iedereen opgelucht. Oekraïne is verleden tijd, ze zijn nu op weg naar hun huis. Morgen vliegen ze naar Israël, na dagen reizen zijn ze dan eindelijk op hun bestemming. Ik hoop en bid dat ze dat ook echt zo mogen ervaren.
Jesaja 62:10
Ga door, ga door, de poorten door,
bereid de weg voor het volk,
verhoog, verhoog de gebaande weg,
zuiver hem van stenen,
steek een banier omhoog boven de volken.
Gebedspunten
- Bid dat de vijftien mensen veilig in Israël mogen aankomen en zich daar snel thuis mogen voelen. Dank voor de zeer voorspoedige en veilige busreis van Vinnitsa naar Chisenau met deze groep mensen.