Sluiten

Zoeken.

Toe Bisjvat - Het nieuwe jaar van de bomen

Door Petra van der Zande - 

6 februari 2023

Children-plant-on-TuBishvat_Avraham-Malevsky_1962

Kinderen planten bomen op Toe Bisjvat. Foto door: Avraham Malevsky (1962) / Petra van der Zande

“Het woord van de HEERE kwam tot mij: Wat ziet u, Jeremia? Ik zei: Ik zie een amandeltak. Toen zei de HEERE tegen mij: Dat hebt u goed gezien, want Ik waak over Mijn woord om dat te doen.” Jeremia 1: 11, 12

Wachten

De wortel van het Hebreeuwse woord sjaked (amandel) is het woord sjoked (naarstig waakzaam zijn of wachten), wordt hier als een woordspeling gebruikt. God vraagt Israëls wachter wat hij ziet - 'Een amandel (sjaked) twijg', waarop de Heere God antwoord: 'Ik waak (sjoked) over mijn woord om dat te doen'.

Toe Bisjvat, de 15e dag van de Hebreeuwse maand sjvat (eind januari, begin februari) wordt niet genoemd in de Bijbel maar de Misjna (deel van de Talmoed) beschrijft het als 'Nieuw jaar voor de bomen'. Het regenseizoen in Israël is dan meestal voorbij, maar de mensen hopen nog steeds op de zegen van de 'late regen'. Dit feest geeft de opleving van de natuur weer, wat gesymboliseerd wordt door het ontluiken van de amandelboom.

Leviticus 19: 23-25 vertelt ons wat er van de Israëlieten verwacht werd zodra ze het Beloofde Land binnengetrokken waren: “Wanneer u in het land komt en allerlei vruchtbomen plant, moet u de vruchten ervan als verboden beschouwen. Drie jaar lang zullen ze voor u verboden zijn, er mag niet van gegeten worden. Maar in het vierde jaar zullen alle vruchten ervan heilig zijn, tot lofzegging voor de HEERE. En in het vijfde jaar mag u de vruchten ervan eten om de opbrengst ervan voor u te vermeerderen. Ik ben de HEERE, uw God.” (HSV)

Het hoogtepunt van de ‘Joodse bomendag’ is en blijft het planten van een jong boompje in de grond van Eretz Israël, het Joodse thuisland.

Bijbelse tienden

Een specifieke datum als het nieuwjaar voor de bomen, hielp ook om het gebod van de tienden te houden; iedere agrariër moest 1/10 van de vruchten aan de priesters geven.

Bijbelse tienden waren:

  • Orla; verwijst naar een Bijbels verbod (Leviticus 19:23) om vruchten te eten tijdens de eerste drie jaren nadat de bomen geplant zijn.
  • Neta revaj; verwijst naar het Bijbelse gebod (Leviticus 19:24) om vierdejaars fruitgewassen naar Jeruzalem te brengen als tienden.
  • Maäser sjenie; de tiende die in Jeruzalem werd gegeten.
  • Maäser anie; het tiende deel voor de armen (Deuteronomium 14:22-29) waarbij ook werd berekend of het fruit gerijpt was vóór of na Toe Bisjvat.

De boom en de vierdagen

Tijdens de Tweede Tempelperiode was het gebruikelijk om na de geboorte van een kind een boom te planten; een ceder voor een jongen (refererend naar zijn hoogte en kracht), en een cipres (kleiner en geuriger) voor een meisje. Als het kind ging trouwen werd het hout van de boom gebruikt om een choepa te maken, de huwelijks-baldakijn.

Door de eeuwen heen werd Toe Bisjvat op allerlei manieren in de Diaspora gevierd. In het begin van de 19e eeuw, toen de eerste pioniers zich opnieuw in Eretz Israël vestigden, was vaak het eerste wat zij deden bomen planten op de kale, geërodeerde heuvels.

“Zoals anderen voor jou hebben geplant, zo zal jij planten voor jouw kinderen.”

— Leviticus Rabba 28 (Joods geschrift over Leviticus)

25 januari

Op Toe Bisjvat, 25 januari 1890, gaf Rabbijn Zeev Javetz het goede voorbeeld door met zijn studenten bomen te planten in de agrarische kolonie Zichron Jaákov. Dit idee om bomen te planten op Toe Bisjvat werd in 1908 overgenomen door de Joodse Leraren Unie, en later door het Joods Nationale Fonds (Keren Kajemet leIsraël), dat toezicht begon te houden op de bebossing van het land Israël.

Veel grote instellingen in Israël hebben deze dag gekozen om hun inwijdingsceremonies te houden. De hoeksteen van de Hebreeuwse Universiteit in Jeruzalem werd gelegd op Toe Bisjvat in 1918, en de eerste steen van het Technion in Haifa werd gelegd op dezelfde dag in 1925. Ook het eerste Joodse parlement van de Joodse soevereine staat koos ervoor om in 1949 zijn eerste Knesset zitting te houden op Toe Bisjvat.

Eten en drinken

Op Toe Bisjvat is het gebruikelijk om gedroogd fruit te eten van de zeven soorten die genoemd worden in Deuteronomium 8:8. De Toe Bisjvat seder is een Kabbalistisch gebruik daterend uit 16e eeuws Tsfat (Safed) waarbij men Bijbelgedeelten leest, gedroogd fruit (onder andere de etrog van Soekot) eet en wijn drinkt. Chassidische groepen vieren het met hun rabbijn tijdens een zogenaamde ‘tiesj’ (Jiddisj voor tafel) waarbij de zegeningen luidkeels gezongen worden. Het hoogtepunt van de ‘Joodse bomendag’ is en blijft het planten van een jong boompje in de grond van Eretz Israël, het Joodse thuisland.

Lees gratis

Israël Aktueel

Het gebed van de planter

Geschreven door Rabbijn Ben-Zion Meir Haim Uzziel, de eerste Sefardische opperrabbijn van de Staat Israël.

“Onze Vader in de hemel, De Schepper van Sion en Jeruzalem, Wees blij o Heer met Uw land en schenk Uw goedheid daarover van de goedheid van uw liefdevolle barmhartigheid; Geef dauw als zegen en geef gewenste regens die vallen op hun tijd. Verzadig de bergen van Israël en zijn valleien en voorzie elke plant en boom van water daarmee. Zoals voor deze jonge boompjes die we vandaag voor U planten. Verdiep hun wortels en laat hun pracht toenemen. Dat ze kunnen bloeien en worden aanvaard onder de andere bomen van Israël voor zegen en voor schoonheid.

Sterk de handen van al onze broeders die werken in de heilige grond en dat ertoe leidt dat de wildernis gaat bloeien. Zegen hen o Heer, dat ze zullen slagen en dat het werk van hun handen aanvaard wordt. Kijk van Uw heilige woning uit de hemel neer en zegen Uw volk Israël en het land dat U ons gaf. Zoals u aan Uw vaderen gezworen hebt. Amen.”

Petra-van-der-Zande_avatar-90x90

De auteur

Petra van der Zande

Petra van der Zande woont sinds 1989 in Jeruzalem. Samen met haar man zorgde zij 21 jaar lang voor vier meervoudig gehandicapte Israëlische pleegkinderen. Nu is zij onder andere actief...

Doneren
Abonneren
Agenda