Sluiten

Zoeken.

Artikelen

Activiteiten

Kennisbank

Podcasts

Projecten

Publicaties

Videos

Overig

Poeriem in de hel van Kamp Groß-Rosen

Door Klaas de Jong - 

22 maart 2024

Gross-Rosen_Haupteingang

Hoofdingang van concentratiekamp Groß-Rosen. Foto: Gordon Roemhild/Wikimedia Commons

Bij aankomst in Kamp Groß-Rosen had je volgens de SS nog maximaal negentig dagen te leven. Werken in de steengroeve en een hongerdieet zorgden daarvoor. Pinchas Menachem Feivlovitz vierde in een van de Joodse barakken van Groß-Rosen Poerim. Hij overleefde en bereikte na een kamp in Cyprus Israël.

Hitler als tweede Haman

Poeriem is een feest ter herinnering aan de poging van de Amalekiet Haman om alle Joden in het Perzische Rijk te doden. In het Bijbelboek Esther lees je hoe Esther en haar oom Mordechai na gebed hun volk redden. Maar 24 eeuwen later is het Hitler die alle Joden in wil ombrengen. Had het nu nog zin om Poeriem te vieren? Er was een tweede Haman opgestaan maar geen tweede Esther en Mordechai.

Esther is het enige Bijbelboek waarin de naam van God niet voorkomt. In de hel van de kampen zullen veel Joden zich weer hebben afgevraagd: waar is God? En toch, zelfs daar vierde men voor zover mogelijk de bijzondere dagen en spraken vrome Joden het Sjema Jisrael uit zelfs tot bij de gaskamers!

Poeriem in de barak van Feivlovitz

Pinchas groeide op in een heel vrome, grote chassidische gemeenschap in het Poolse Góra Kalwaria, Ger in het Jiddisch. Pinchas werd opgepakt terwijl hij vanuit de Talmoedschool naar zijn ouders rende om hen te waarschuwen. De gebedsriem aan zijn hand had hem verraden. In kamp Groß-Rosen zat hij op de avond van Poeriem doodvermoeid en hongerig met andere Joden in een barak. Plotseling stond een van de gevangen op om een toespraak te houden die Feivlovitz nooit zou vergeten:

“Broeders in het lijden, vandaag is het Poeriem en gedenken we de wonderen die God deed voor onze voorouders. Hij, die in de Hemelen woont, redde ons volk van de uitroeiing. De vijand viel zelf in het graf dat hij voor ons had gegraven. Nu hebben we weer een tweesnijdend zwaard op onze nek. Onze vijanden willen ons vernietigen maar laat geen doodsangst toe in je hart. De Haman van onze tijd, Hitler, zal niet in staat zijn om Gods uitverkoren volk te overwinnen. De eeuwigheid van Israël zal geen leugen zijn!”

In de verte hoor ik de vrijheidsklokken al luiden. We zullen leven om gerechtigheid te zien tegenover onze vijanden evenals onze voorouders in de burcht Susan. Wees sterk, broeders, het Joodse volk zal leven!”

De volgende dag kwamen er bewakers, die degene wilde straffen die de naam Hitler had uitgesproken. Maar allen zwegen en daarom werd de hele groep met zweepslagen gestraft.

Geen plaats meer

Na de bevrijding ontdekte Pinchas dat zijn hele familie was uitgemoord. Hij besloot om naar het Beloofde Land te gaan. In dezelfde tijd nam ook de Jodin Tsipora Klein (1927) die beslissing. Ze was in 1927 in Roemenië geboren, maar tijdens de bezetting door annexatie van Transsylvanië Hongaarse geworden.

Lange tijd bleven de Hongaarse Joden buiten de kampen, maar in 1944 werden ze naar Auschwitz gedeporteerd. De zusters overleefden, maar bij de terugkeer ontdekten ze dat hun huis en bezittingen nu door anderen waren geroofd. De wegen van Tsipora en Pinchas kruisten elkaar. Ze trouwden en gingen samen met een groep lotgenoten op reis. Ze trokken over de Alpen en vonden een schip dat hen naar het Beloofde Land zou brengen.

Brits kamp op Cyprus

Het was 1946 en het mandaatgebied Palestina was nog steeds bezet door de Britten. Door een strenge immigratiebeperking voor en tijdens de oorlog hadden die de weg voor Joodse vluchtelingen versperd. Na de oorlog zetten de Britten dit beleid voort. Ze namen zelfs dakloze Joden, die aan land wilden gaan, onder vuur. Het schip met Tsipora en Pinchas werd tegengehouden en de passagiers werden opgesloten in een kamp op Cyprus: weer kampbewoner!

Het duurde jaren want mannen zoals Pinchas werden ook na de oprichting van de staat Israël niet vrijgelaten uit angst dat ze in het Israelische leger zouden gaan.

Pinchas en Tsipora kregen in het kamp hun eerste kind, Sjlomo Aharon. Daardoor kwamen ze eerder in Israël, want toen prins Charles op 14 november 1948 werd geboren, liet men 603 baby’s met ouders vrij.

Toch weer gebedsriemen

Bij een bezoek aan vrienden van zijn ouders, die voor de oorlog in Israël waren gekomen, kreeg Pinchas een pijnlijke vraag: “Waar zijn je gebedsriemen?” Hij kreeg een stel van deze vrienden plus een gebedsmantel. Tsipora merkte dat hij ze niet gebruikte en vroeg waarom. “Ik zie nog de vrome mannen met gebedsriemen naar de gaskamers gaan,” antwoordde haar man. Toen hij later bij een militaire actie gewond raakte, bezocht Tsipora hem in het ziekenhuis en lag hij huilend in bed met gebedsriemen en mantel om.

Op dat moment kwam professor Tzundak binnen. Hij zei tegen Tsipora: “Help uw man om zijn herinneringen op te schrijven. De Holocaust en de oorlogswond zijn te veel om te dragen.” Tsipora schreef toen op wat haar man vertelde. Dat leverde twee boeken op. Daarna schreef hij zelf het boek ‘Odeni Zocher.’ Na zijn dood in 2007 ging Tsipora door met lezingen over de Holocaust. Ze heeft zelfs een toespraak mogen houden in de Duitse Bondsdag.

Dit artikel verscheen eerder in het Reformatorisch Dagblad.

Stichter chassidisme over Esther

Yisroel ben Eliezer (1698-1760) was een Poolse rabbijn die de oprichter van het chassidisme wordt genoemd. Hij waarschuwde bij het lezen van de boekrol Esther dat je niet achterstevoren mocht lezen. Je moest er rekening mee houden dat het plan voor de uitroeiing van alle Joden weer kon gebeuren.

Meer weten over Poerim?

Op onze Kennisbank staat een uitgebreid artikel over het Joodse Poerim-feest.

Klaas de Jong

De auteur

Klaas de Jong

Klaas de Jong is auteur en uitgever bij Uitgeverij Toetssteen.

Doneren
Abonneren
Agenda