Sluiten

Zoeken.

Moederdag in 1945

Door Marianne Glashouwer - 

11 mei 2023

2021 CVI website (6)

Groepsfoto: Werner Angress (rechts, in uniform) met zijn moeder Henny en zijn broers Fritz en Hans. (Foto: Leo Baeck Institute)

Zo maar ineens staat hij op de stoep: haar zoon Werner. In een Amerikaans legeruniform. Moeder Henny kan haar ogen niet geloven. Wat ziet hij er goed uit! Zij daarentegen is vel over been. Geen wonder als je jaren ondergedoken hebt gezeten en de Hongerwinter net achter de rug is. Het is mei 1945.

Als Werner vanuit de Amerikaanse legerbasis in Duitsland aankomt in Amsterdam, gaat hij naar het adres waar zijn ouders in 1939 woonden. Hij parkeert zijn jeep en belt aan. Een man doet open en vraagt: ‘Heet u Angress?’ Werner knikt ja! De man vertelt dat de vorige dag een vrouw, die Hennie Angress heette, bij hem aanbelde. Ze had daar eerder gewoond. Ze vroeg of ik, als haar zoon uit de Verenigde Staten langskwam, hem haar nieuwe adres wilde geven. Dan loopt Werner een paar straten verder en belt aan bij Stadionweg 57 in de Apollobuurt.

Jeugd

Werner wordt in 1920 geboren in een Joods gezin, dat al generaties lang in Berlijn woont. Moeder Hennie is een opgewekte vrouw. Vader Ernst is een bekende bankdirecteur. Werner heeft een onbezorgde jeugd. Maar in 1933 beginnen de eerste donkere wolken zich samen te pakken als Hitler aan de macht komt.

Op school voelt Werner de spanning steeds meer. Op een ochtend komt de leraar de klas binnen en laat de leerlingen uitroepen: ‘Wordt wakker, Duitsland! Dood aan de Joden!’ Er volgt een klaterend applaus. Werner kan wel door de grond zakken van ellende.

Ondanks het aanwakkerend antisemitisme gaat het leven nog enigszins normaal door. Op Jom Kippoer gaat Werner met zijn ouders en twee jongere broers naar de synagoge. Daar zal hij binnenkort zijn bar mitswa vieren. Werner zit tussen zijn ouders in en ziet de angst op de gezichten van de mensen om hem heen.

De moedige, jonge rabbijn spreekt openlijk over de politieke onrust in Duitsland en veroordeelt de wandaden van de nazi’s. Hij sluit af met het Nieuwe Testament en haalt de woorden van Christus aan het kruis aan: ‘Vader vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen’.

Oktober 1937. Werner is net 17 jaar geworden. Vader vertrouwt de situatie niet langer en besluit dat het gezin weg moet uit Duitsland. Hij heeft zorgvuldig een plan bedacht. De bestemming is Amsterdam. Het lukt hem zelfs om geld van de familie naar Amsterdam te smokkelen. Iets dat streng verboden is.

Hoewel het leven in Nederland voor het gezin Angress rustig verloopt, wordt de situatie steeds grimmiger. Als Werner de kans krijgt om naar Amerika te gaan, grijpt hij deze met beide handen aan.

Met de hulp van Joods Amerikaanse zakenlieden krijgt hij werk. Maar op 10 mei 1940 komt het bericht dat Duitse troepen Nederland zijn binnengevallen. Werner wordt steeds ongeruster over het lot van zijn ouders en broertjes.

In dienst

Hij wil zich inzetten voor zijn nieuwe vaderland. Daarom meldt hij zich als vrijwilliger voor de militaire dienst. Op 7 mei 1941 wordt hij ingelijfd in het Amerikaanse leger. In de laatste brief van zijn moeder schrijft zij dat zijn vader is opgepakt. Hij is naar een Berlijnse gevangenis gebracht omdat hij geld naar het buitenland heeft gesmokkeld.

Tijdens zijn opleiding ziet Werner een oproep om zich te melden bij het opleidingscentrum van de militaire inlichtingendienst. Daar worden soldaten opgeleid als vertaler, tolk of ondervrager bij krijgsgevangenen. Hij meldt zich daarvoor aan en wordt meteen aangenomen. Zo vertrekt hij naar Camp Ritchie, dat diep verscholen ligt in de bossen van de staat Maryland.

Jonge, veelal Joodse, soldaten worden hier klaar gestoomd om met de Amerikaanse troepen naar Europa te gaan en daar gevangen genomen Duitse soldaten inlichtingen te ontfutselen. Ze zijn nazi-Duitsland ontvlucht en spreken de taal dus vloeiend. Na de oorlog bleek dat ruim zestig procent van de informatie die door de Amerikanen in de oorlog was verzameld van de Ritchie-boys afkomstig was. Zo hebben ze een belangrijke bijdrage geleverd aan de overwinning van de Geallieerden.

Maandenlang neemt Werner deel aan de acties van het leger. In die tijd ondervraagt hij duizenden Duitsers. Nooit vertelt hij hen dat hij een Duitse Jood is.

Bevrijding

April 1945. Het is voor Werner een onbeschrijfelijk ervaring om te zien hoe het Duitse leger ineen stort. Als Werner en zijn kameraden verder Duitsland intrekken stuiten ze op een concentratiekamp. Daar zien ze vreselijke taferelen. Daarom wil hij zo snel mogelijk uitvinden hoe het met vader, moeder, Hans en Fritz is. Gelukkig krijgt hij van de legerleiding toestemming om naar Amsterdam te gaan.

Als Werner naar het opgegeven adres in Amsterdam gaat, is de blijdschap groot! Moeder vertelt dat zij en zijn broers ondergedoken zijn geweest. Ze hebben het overleefd dankzij het Nederlandse verzet.

Wat is er met vader gebeurd? Moeder weet alleen te vertellen dat vader gevangen is gezet in een gevangenis in Berlijn en vandaar naar Auschwitz is gebracht. Wanneer Werner dat hoort, weet hij genoeg. Hij heeft met eigen ogen gezien hoe het in de kampen toeging. Vele jaren later ontdekt Werner dat zijn vader op 19 januari 1943 in Auschwitz in vermoord.

Maar op dit moment is de vreugde groot. Ondanks de grote teleurstelling dat vader er niet bij is. Zijn broer Hans heeft een klein bosje bloemen langs de kant van de weg geplukt. Een cadeautje voor moeder. Het is Moederdag op 13 mei 1945.

Bron: ‘De Ritchie-boys’ - Bruce Henderson

Marianne Glashouwer

De auteur

Marianne Glashouwer

Marianne Glashouwer is spreekster van Christenen voor Israël. Ze is bekend van de Evangelische Omroep en schreef diverse boeken.

Doneren
Abonneren
Agenda