Sluiten

Zoeken.

Artikelen

Activiteiten

Kennisbank

Podcasts

Projecten

Publicaties

Videos

Overig

Bijbel

Overdenking

Terug naar overzicht

Jezus was niet zomaar Joods

Door Karel van der Plas - 

27 augustus 2026

2021 Website CVI (6)

Foto: Canva Pro

Jezus was een Jood, dat is een feit. Ook predikanten en christenen die met Israël weinig hebben, zullen erkennen dat Jezus een Jood was. Maar meestal blijft het daarbij. Ja, Hij was Joods, maar dat is dan niet meer dan Zijn ‘aardse jas’. Met andere woorden: Hij had net zo goed een Chinees kunnen zijn. De vraag is of dat wel klopt.

De Jood Jezus

De Joodse Pinchas Lapide, een theoloog die zich zijn leven lang grondig heeft verdiept in het Nieuwe Testament en de woorden van Jezus, schrijft in één van zijn boeken dat alles wat Jezus van Zijn geboorte in Bethlehem tot aan Zijn dood op Golgotha overkwam, alleen verklaard en begrepen kan worden vanuit het feit dat Hij volledig Joods was. Hij leefde binnen de Joodse wereld en Hij bad, dacht en sprak binnen het Joodse denken.

Denk bijvoorbeeld aan de gelijkenissen waarmee Jezus Zijn onderwijs uiteenzette. Rabbi’s uit de eerste eeuw spraken geregeld in verhalen en parabels. Het is dan ook niet vreemd dat men honderden Joodse gelijkenissen uit die tijd vindt. Soms zelfs verhalen die qua boodschap en personen (een koning, een landbouwer, een vader, een bruidegom) volledig overeenkomen met de gelijkenissen van Jezus.

Toevallig Joods?

Toch was Jezus niet zomaar een rabbi, of toevallig Joods. Het is niet zo dat wij Jezus alleen kunnen begrijpen binnen de Joodse context alsof dat inwisselbaar zou zijn voor wanneer Hij een Eskimo was. Anders gezegd: als Jezus bijvoorbeeld was geboren in China, zouden wij Hem logischerwijs niet kunnen begrijpen zonder kennis van de toenmalige Chinese cultuur. Maar Jezus is niet toevallig Joods – alsof Hij net zo goed een Eskimo of Chinees had kunnen zijn – Hij moest Joods zijn, Hij moest een Israëliet zijn.

Waarom? Omdat God Israël heeft uitverkoren als kanaal van zegen. Toen Hij Abraham riep, toen de weg van God met Israël begon, toen sprak God de bekende woorden: “In u zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden” (Genesis12:3b). Dit is de spits waarover het gaat. Het volk Israël wordt geformeerd, niet zomaar, niet om alleen Gods lieveling te zijn, maar omdat God alle volken wil bereiken. “Dit volk heb Ik Mij geformeerd. Zij zullen Mijn lof vertellen” (Jesaja 43:21). Dat is de roeping van Israël; het volk is bedoeld “tot een Licht voor de heidenvolken, om Mijn heil te zijn tot aan het einde der aarde” (Jesaja 49:6b).

“Wanneer Jezus wordt geboren in Bethlehem, wordt de Koning geboren van het volk dat een eeuwenoude roeping heeft een licht te zijn voor de wereld. Daarom moest Jezus Jood zijn.”

Koning der Joden

Wanneer Jezus wordt geboren in Bethlehem, wordt de Koning van dít volk geboren. Dan wordt de Koning geboren van het volk dat een eeuwenoude roeping heeft een licht te zijn voor de wereld. Daarom moest Jezus Jood zijn. Hij is dé Israëliet met hoofdletter, Hij is het Licht omdat Hij voortkomt uit het volk met die roeping. Het is ook het laatste en grootste voorrecht welke Paulus noemt als hij spreekt over de voorrechten van Israël: “En uit hen is, wat het vlees betreft, de Christus voortgekomen” (Romeinen 9:5).

Eenheid met Israël

De profeet Jesaja gaat nog een stapje verder. In de hoofdstukken 40 tot en met 53 lezen we geregeld over de ‘Knecht des Heere’. Maar wie is die knecht? Een antwoord geven is nog niet zo makkelijk. Soms is deze dienaar onmiskenbaar Israël: “Maar u, Israël, Mijn dienaar”, zegt God zonder omwegen (Jesaja 41:8). God gaat verder: “U, Jakob, die Ik heb verkozen, het nageslacht van Abraham, die Mij liefhad.” Het volk Israël is als geheel uitverkoren, geroepen als ‘Knecht des Heere’, om een licht te zijn voor de wereld. “U bent Mijn getuigen, spreekt de HEERE, en Mijn dienaar die Ik verkozen heb” (Jesaja 43:10).

Tegelijkertijd is de ‘Knecht des Heere’ een persoon. Hij luistert elke morgen naar de stem van God (Jesaja 50:4) en God heeft op Hem Zijn Geest gelegd (Jesaja 42:1). Sterker nog, deze ene persoon draagt wat Hij zelf niet veroorzaakte (Jesaja 53:6). En uiteindelijk blijkt dit lijden verzoenend, herstellend, levenschenkend te zijn. Hier is toch duidelijk sprake van Jezus.

“Jezus is de diepste kern van Israël. Daarmee kan je Jezus dus nooit lostrekken van Israël. Zij zijn een eenheid.”

Jesaja 49 doet hier nog een schepje bovenop. In vers 3 wordt de knecht Israël genoemd en in vers 5 wordt de knecht onderscheiden van Israël. De vraag wordt steeds groter: wie is nu die ‘Knecht des Heere’? Het antwoord is: de ‘Knecht des Heere’ is Israël én Jezus. Zij vormen een eenheid. De Koning van Israël is niet los te trekken van Zijn volk – en andersom. Het volk Israël hoort onlosmakelijk bij hun Koning. Dr. Frank de Graaff gaat nog verder: Jezus is het ware Zelf van Israël, zegt hij. Jezus is dus als het ware “Israël bij uitnemendheid”, Jezus is de diepste kern van Israël. Daarmee kan je Jezus dus nooit lostrekken van Israël. Zij zijn een eenheid.

Jezus was niet zomaar Joods

Zo komen we weer terug bij de inleiding. Ja, Jezus was een Jood. Maar dat is meer, veel meer, dan Zijn ‘aardse jas’. Hij moest Joods zijn; door het Joodse volk immers zegent God de wereld. Jezus is daarin de kern van Israël, het hart van Israël. Hij is hun Koning en Israël is Zijn volk. Ook als Israël dat zelf (nog) niet belijdt.

Karel van der Plas

De auteur

Karel van der Plas

Karel van der Plas is Hoofd Educatie bij Christenen voor Israël. Daarnaast is hij ook spreker. 



Doneren
Abonneren
Agenda