Sluiten

Zoeken.

Artikelen

Activiteiten

Kennisbank

Podcasts

Projecten

Publicaties

Videos

Overig

Joodse wereld

Terug naar overzicht

Dagboek: Ik vertrek niet, ik blijf!

Door Opperrabbijn Binyomin Jacobs - 

12 oktober 2026

2021 Website CVI (2)

Foto: Canva Pro

“Ik ben niet Joods, maar laat een ding duidelijk zijn; wij steunen Joden en Israëliërs waar ook ter wereld. En als er geen Joden in Nederland kunnen zijn is dat een groot probleem voor ons allemaal, G’d help ons, dat bid ik met u mee!!”

Van nature ben ik geen pessimist en depressies laat ik graag en bijna altijd overwaaien. Maar vorige week wist ik het even echt niet meer.

Nou hoort dat eigenlijk niet, want ik ben er om de ander te steunen, uit zijn depressie te helpen en zelf hoort een rabbijn te vertrouwen op de Eeuwige en te weten dat uiteindelijk alles van Boven komt.

Ik voelde me net zoals de depressieve man die bij de dokter kwam en zei dat hij het niet meer zag zitten. De arts hoorde hem geduldig aan, maar in plaats van een antidepressief pilletje voor te schrijven (om daarmee primair de farmaceutische industrie en secundair ook de patiënt te steunen), adviseerde hij hem een avondje uit te gaan: lekker ontspannen, alles even vergeten en alleen maar lachen. "Koop een kaartje voor een voorstelling van de wereldberoemde Franse clown Pierrot!" Waarop de patiënt antwoordde: "Dokter, ik bén Pierrot!"

Zwijgen?

Het klopt dat ik jaren geleden mijn mening over de Joodsche Raad heb herzien en afstand heb genomen van mijn eerdere en gangbare mening dat de leden van de Joodsche Raad bijna per definitie egoïsten waren die medejoden naar de gaskamers stuurden om zichzelf en hun naasten te laten overleven. Maar ik bleef wel degelijk van mening dat de Joodsche Raad verkeerd had gehandeld door weg te kijken en de gedachte te omarmen dat het allemaal wel zou meevallen en het zo’n vaart niet zou lopen, terwijl we weten dat het zo’n vaart wel liep en het een grote tegenvaller was. En wat doe ik, Binyomin Jacobs, anno 2026? Gaat het allemaal weer meevallen? Wegkijken? Zwijgen?

Ik voel me sinds een paar weken steeds meer een reisbureau. Op zichzelf is daar niets mis mee, maar het dreigde uit de hand te lopen: ik speelde met de gedachte om mijn rabbinale toeristische bureau te sluiten, elders een nieuw bestaan op te bouwen, desnoods als gepensioneerde, en mijn Nederlandse klanten gids- en stuurloos achter te laten. Vooral na de verheerlijking van terroristen voor ons/mijn Nationale Monument zag ik het bijna niet meer zitten. Maar kwam mijn bijna-depressie alleen van de Dam?

“Moet ik de Joden oproepen Nederland te verlaten voordat het te laat is en de grenzen gesloten zijn?”

Dag in, dag uit werd ik benaderd met de vraag of het voor ons Joden nog wel veilig is om in Nederland te blijven. En alsof dat alleen nog niet genoeg is, ontvang ik ook tamelijk agressieve e-mails vanuit een paar Joodse hoeken, met de eis om de Nederlandse Joden onmiddellijk wakker te schudden, hen op te roepen hun koffers te pakken en naar Israël te vertrekken, en mijn rol als — en daar heb je hem — Joodsche Raad per direct op te geven.

Een Joodse rechtbank

Toen ik zelf bijna door onzekerheid en zorgen was overmeesterd, het even bijna helemaal niet meer zag zitten en dus tegen het depressieve aanzat, schakelde ik in mijn eigen wereldje, in mezelf dus, mijn emoties uit en gaf ik me helemaal over aan de heerschappij van het verstand. Ik vormde een Beth Din, een Joodse rechtbank, bestaande uit drie niet-Joodse deskundige overheidskenners, insiders, en vroeg hen: moet ik de Joden oproepen Nederland te verlaten voordat het te laat is en de grenzen gesloten zijn? De drie waren alle drie vrienden van het Joodse volk en vrienden van de Staat Israël. Hoe hun opstelling was ten opzichte van Netanyahu, was voor mij niet interessant. Hun visie zou mijn leidraad worden, ongeacht hoe dat advies zou uitpakken. Ik heb toestemming om hun reacties met u te delen:

“Ik zou geen advies geven aan Joodse Nederlanders om Nederland te verlaten. Waarom niet? Ik zeg het hard, maar wel duidelijk: want er is nog geen jood vermoord.”

“Ik vermoed dat ik, als ik Joods zou zijn, zelf zou vertrekken, met of zonder oproep, want leven in sommige grote steden of buurten is niet veilig meer voor Joden. Dus heb ik begrip voor eenieder die besluit te vertrekken. En toch zeg ik duidelijk, om je vraag te beantwoorden: verlaat ons niet! Nederland zonder Joden is geen Nederland meer, maar een definitief verloren gebied. Dus: doe geen oproep!”

“Het raakt me diep dat je rondloopt met de vraag of je Joodse medeburgers moet adviseren om hun Nederland te verlaten omdat het voor hen niet meer veilig is doordat wij, hun Nederlandse overheid, niet meer in staat zouden zijn om hen te beschermen… terwijl zij al eeuwenlang een volledig geïntegreerd deel vormen van onze brede samenleving en geschiedenis. Ik weet dat de geschiedenis niet geruststellend is, maar toch: er zijn verschillen met het verleden. Zolang wij bestuurders, autoriteiten, politici en een maatschappelijk middenveld hebben die de democratie uitdragen, die staan voor vrijheid en bescherming en die niet meegaan in de dwaling van het antisemitisme, mag je ook op hen vertrouwen. Maar, Binyomin, wees niet naïef. Blijf wel, middels je zeer breed gelezen artikelen, bij voortduring een beroep doen op onze nationale en lokale overheden. Laat zien wat er om jullie heen gebeurt. Blijf een krachtig signaal uitzenden. En vooral: zorg ervoor dat niemand kan indutten of wegkijken. Maar toch: blijf hier!”

“Nederland zonder Joden is geen Nederland meer, maar een definitief verloren gebied.”

Ik blijf!

En dus heb ik besloten om geen oproep te doen om het eeuwenoude Nederlandse Jodendom achter te laten… ondanks mijn kennis van het foute optreden van de Joodsche Raad. Maar wat u ook voor uzelf besluit: ik vertrek niet en blijf, want een kapitein verlaat als laatste het zinkende schip. En als het schip (nog) niet zinkt, moet hij al helemaal zeker aan boord blijven.

Maakt u zich geen zorgen over mijn bijna-depressie: die is inmiddels al lang en breed overgewaaid, maar heeft wel tot extra alertheid geleid en het wegkijken, zo het er bijna bij mij zou zijn geweest, is voorgoed uit mijn Joods-Nederlandse vocabulaire geschrapt.

Speciaal tot mijn niet-Joodse vrienden zou ik willen zeggen: wij Joden zijn de kanarie in de kolenmijn. Houd ons dus nauwlettend in de gaten, want in de Tweede Wereldoorlog zijn behalve zes miljoen Joden ook naar schatting vierenvijftig miljoen niet-Joden omgekomen…

Omdat ik juist ook oog heb voor lichtpunten, begon ik dit dagboek met een WhatsApp die een niet-Joodse vriend mij stuurde. Dagelijks ontvangen Joodse gemeenten en individuele Joodse Nederlanders dit soort bemoedigende berichten en wordt er inmiddels in negenentwintig plaatsen meegelopen met solidariteitswandelingen. Er zijn weer vier nieuwe in de maak: Goes, Nijmegen, Harderwijk en Gouda. Met hun gewandel brengen ze licht in de duisternis en bemoedigen ze Israël en vooral ook ons, hun Joodse Nederlandse medeburgers!

Bekijk ook deze uitzending met opperrabbijn Jacobs!

Jacobs website

De auteur

Opperrabbijn Binyomin Jacobs

Opperrabbijn Binyomin Jacobs werd in 1949 in Amsterdam geboren. Hij staat bekend als een bruggenbouwer en is een veelgevraagd spreker.

Doneren
Abonneren
Agenda