Sluiten

Zoeken.

Bijbelse geografie en archeologie – Masada

Door Alfred Muller - 

8 juli 2011

20110708_massada_2

Het fort Masada. Rechts boven (met de vorm van traptreden) liet Herodes zijn paleis bouwen. | Foto: Alfred Muller

Op twee manieren kunnen we de 450 meter hoge Masada berg op: met de kabelbaan of lopend via het slangenpad. We kiezen voor het eerste.

Met de kabelbaan duurt de tocht slechts enkele minuten, tenzij er een lange rij wachtenden voor de cabine staat. Lopen is drie kwartier of langer. In de zomer sluit de Dienst voor Parken de wandelroute op het heetst van de dag af. Dat is om te voorkomen dat reddingsploegen wandelaars die de kracht van de warmte onderschatten in horizontale toestand moeten afvoeren.

We genieten van een prachtig uitzicht als we eenmaal op het plateau zijn. Een prachtig, woest en bergachtig woestijnlandschap strekt zich uit in alle richtingen. Als miertjes zien we hier en daar wandelaars op de paden.

De berg bood in het verleden geen gemakkelijke leefomgeving. Water en voedsel moest aangevoerd worden. Maar de berg diende wel heel goed als vesting en schuilplaats. De naam Masada is namelijk afgeleid van het Hebreeuwse woord Metsuda, dat ‘schuilplaats’ of ‘vesting’ betekent. Het woord Metsuda wordt ook gebruikt in 1 Samuël 22. De Statenvertaling vertaalt het met ‘vesting’.

Masada ligt in de Judese woestijn aan de zuidwestelijke zijde van de Dode Zee. De Hasmoneese koning Alexander Jannaeus (103 tot 76 v.Chr.) was mogelijk de eerste die hier een fort bouwde. Wie grote veranderingen aanbracht was koning Herodes de Grote (37 tot 4 v.Chr.). Hij bouwde hier een paleis dat in de eerste plaats moest dienen als toevluchtsoord in geval van opstand. Het zou namelijk enige tijd duren voordat de Romeinen versterkingen hadden gestuurd om de opstandelingen neer te slaan. Hoe vaak hij de plek bezocht, is moeilijk te zeggen.

Een mozaïek in het westelijk paleis van Herodes met daarop een plaats waar zeloten een stookplaats hadden. | Foto: Alfred Muller


De berg dankt zijn bekendheid vooral aan de opstandelingen die hier heen vluchtten in het jaar 70 na Chr. tijdens de eerste Joodse opstand tegen de Romeinen. Deze zeloten troffen voorraadschuren en prachtige bouwwerken aan, die Herodes had laten aanleggen. Ze hadden overigens weinig respect voor de Herodiaanse pracht.


In het westelijke paleis en in het noordelijke paleis legden zij stookplaatsen aan over de prachtige mozaïeken vloeren. Deze plekken – en mozaïeken – zijn nu nog te zien.

De gouverneur van Judea en commandant van het tiende legioen Fretensis, Flavius Silva, besloot het fort aan te vallen in de winter van 73 op 74. Vanaf de top zijn de overblijfselen te zien van de legerkampen die de Romeinen oprichtten. De Romeinen zagen kans de berg te veroveren door Joodse slaven een gigantische dam te laten opwerpen en daar een toren op te plaatsen.

De Romeinen schoten vervolgens met stenen een bres in de muur. Het verhaal wil dat de opstandelingen massaal zelfmoord hadden gepleegd toen de Romeinen de burcht veroverden. Slechts een vrouw en vijf kinderen zouden de belegering hebben overleefd. De enige bron van deze gebeurtenis is Josephus Flavius, die in zijn geschiedschrijving soms overdreef.

Een bezoek aan Masada is zeker de moeite waard door het uitzicht en de historische sporen die we er terugvinden. Het is onzeker wat de connectie is met de Bijbelse geschiedenis.

De theoloog dr. Arnold Fruchtenbaum noemt Masada als mogelijke vesting waar David zich schuilhield, vanwege het Hebreeuwse woord Metsuda. Of de schrijver van het boek Samuël bij het gebruik van het woord Metsuda aan het huidige Masada dacht, is niet te zeggen.

Alfred-Muller_avatar

De auteur

Alfred Muller

Alfred Muller is geaccrediteerd correspondent in Israël. Hij schrijft voor het Reformatorisch Dagblad en andere christelijke media in Nederland. Hij en zijn vrouw Judith wonen sinds 1983 in Jeruzalem. Hij studeerde aan de Pedagogische Academie Nijenborg in Groningen en politicologie aan de State University of New York (Empire State College).

Doneren
Abonneren
Agenda